|
|
|

|
Nic van Rossum: Dwars in ruste
Column september 2009 |
Hoezo een uitdagend jaar?
Een rampjaar zul je bedoelen!
Dan lees je, met aanvankelijk een zekere
welwillendheid, het jaarverslag over 2008
van ons pensioenfonds. Het was immers
geen best jaar voor de pensioenfondsen in
het algemeen, dus ook niet voor SPEO. Je
verwacht een verklaring, een verontschuldiging
desnoods voor slecht beleid, maar wat
schrijft onze directeur Fokko Covers doodleuk
… “2008 is een uitdagend jaar geweest”.
Een uitdagend jaar? Hét eufemisme van
de nog jonge eeuw. De dekkingsgraad
donderde met 53 procentpunten
in elkaar en het beleggingsresultaat
(tegenwoordig deftig ‘performance’
genoemd) kelderde met
niet minder dan twintig procent.
Verreweg het slechtste resultaat in
de historie van ons fonds. Sterker:
zonder de miljoenenstorting van
de werkgever zou SPEO de facto
failliet zijn geweest. Uitdagend?
Een absoluut rampjaar zul je
bedoelen, Fokko.
O ja, verklaringen genoeg.
Kredietcrisis, dalende aandelenkoersen,
dalende rente,
noem maar op. Maar dat is geen
schaduw van verklaring waarom
SPEO dubbel zo slecht presteerde
als het gemiddelde van alle andere vergelijkbare
pensioenfondsen. Het enige dat onze
directeur weet te bedenken is “wij gaven
onze vermogensbeheerders teveel vrijheid”.
(Niet in het jaarverslag overigens - daarin
wordt het falend beleid met de mantel van
‘actief beheer’ bedekt - maar in een interview
in deze Nieuwsbrief).
Nee Fokko, de grote fout werd al een jaar
eerder gemaakt, toen het beleggingsbeleid
uit handen werd gegeven. Ik zeg niet dat
vroeger alles beter was, zeer zeker niet, maar
het beleggingsbeleid bij SPEO was wel degelijk
beter. Voor mijn tijd en tijdens mijn tijd
als lid van de Raad van deelnemers en later
als werknemersbestuurslid hadden we een
bescheiden maar degelijk principe voor een
betrekkelijk klein pensioenfonds, namelijk
‘Houd het eenvoudig, spreid je beleggingen
gelijkmatig, let op koers/winstverhoudingen,
en vergelijk je resultaten met solide
benchmarks’. Wij stelden de verhoudingen
tussen de verschillende soorten beleggingen
vast en onze interne belegger (de goeie
ouwe Han van ‘t Veer) overlegde zijn voorgenomen
transacties met de beleggingscommissie.
En verdomd, we deden het jaar
op jaar beter dan de benchmarks, beter ook
dan de resultaten van vergelijkbare pensioenfondsen
en vaak beter dan de professionals
van ABP en PGGM. Maar dat was
voor het nieuwe bestuur te ouderwets. Nee,
het fonds moest zonodig meespelen in de
wereld van het snelle geld, met derivaten,
renteswaps, gemengde producten, hedgefunds,
private equity en vette bonussen.
‘Actief beheer’ dus (wij ouwe lullen hebben
daar een andere term voor: onverantwoorde
speculatie). “Omdat wij zelf de kennis daarvoor
niet in huis hebben”, stelt Covers. Wat
ontzettend naïef. Dacht je nu echt Fokko
dat die vermogensbeheerders met indrukwekkende
namen, die jij een blanco cheque
hebt gegeven, wél weten van de risico’s van
gecompliceerde derivaten en het uitlenen
van aandelen? Nee, ze bluften, werden
de dupe van de ondergang van Lehman
Brothers en vergokten € 130 mln van ons
fondsvermogen. Tegen verdrievoudiging van
de kosten van vermogensbeheer. Dát wel.
Als je dan, waarde Fokko, in datzelfde jaarverslag
de zin durft neer te pennen “SPEO
probeert door een voorzichtig beleggingsbeleid
en door beleggingen sterk te spreiden zo
verantwoord mogelijk om te gaan met het
geld van zijn deelnemers”, dan noem ik dat
een gotspe wanneer je met je andere hand
ons vermogen verkwanselt aan beroepsspeculanten.
Dat de werkgever jou onder druk
zou hebben gezet om deze stupide stap te
zetten, is - excusez le mot - een rotsmoes.
Het is jouw verantwoordelijkheid om de
belangen van de deelnemers te behartigen,
niet die van de werkgever.
Zelf ben ik gelukkig niet afhankelijk van
indexatie van mijn pensioen. Ik heb alleen
belegd in zaken die ik begrijp … ‘Passief
beheer’ zogezegd.
(Graag discussie via
n.van.rossum@wanadoo.fr)
|
|