PENSIOENEN IN HET NIEUWS
CITATEN UIT DE PERS INZAKE PENSIOENEN - deel 181
| Deze nieuwsrubriek geeft een samenvatting
van in de media verschenen artikelen. Voor
de volledige informatie kunt u terecht bij de website van de betreffende uitgever.
Verzameld door Ton Boogers en bewerkt door Harry Nijhuis |
Overzicht deel 181 (t/m 25 juli 2009):
Nieuws uit de media
Opinies uit de media
Brieven uit de media
Nieuws uit de media
PENSIOEN NIET MEER PER SE
OP 65
65-plusser mag langer
doorwerken, aldus recente uitspraken van rechters. De werknemer die langer wil
doorwerken, staat steeds sterker in de rechtszaal. Kantonrechter Maastricht:
‘Er is een duidelijke trend’
Verplicht stoppen op je 65ste is niet meer zo vanzelfsprekend. Werknemers die hun automatisch ontslag
aanvechten bij de rechter, staan steeds sterker. Dat blijkt uit recente
uitspraken. ‘Er is een duidelijke trend zichtbaar’, zegt Harry Staal, vicepresident
en kantonrechter van de Rechtbank in Maastricht. ‘Waar men vroeger nog uitging
van een stilzwijgende beëindiging van het contract zodra werknemers 65 worden,
zie je nu dat rechters dit niet meer automatisch aannemen.
In April oordeelde een Delftse
kantonrechter dat als er vroeger al sprake was van een gewoonte, ‘een dergelijk
gewoonterecht nu niet meer van deze tijd is’. De werkgever, een Delfts
ingenieursbureau, is het oneens met de uitspraak en gaat in hoger beroep. ‘Het
kan toch niet zo zijn dat het personeel tot zijn 90ste blijft
zitten?’, aldus de directeur.
Vorig jaar ging de
Amsterdamse rechtbank nog een stapje verder. Een kantonrechter oordeelde dat
een contract voor onbepaalde tijd niet eindigt omdat dit nu eenmaal in de cao
is afgesproken. ‘Volgens de rechter bestaat het niet dat een
arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd eindigt op een bepaalde datum, te
weten op de 65ste verjaardag’, zegt hoogleraar arbeidsrecht Evert
Verhulp. ‘Hoewel het nog niet om een heel groot aantal gaat dat langer
doorwerkt, zie je wel dat het meer gebeurt. Eindigen op je 65ste wordt niet meer door iedereen als de onwrikbare regel gezien; ook niet door
alle rechters’, aldus de Amsterdamse kantonrechter Monetta Ulrici.
Werkgeversclub VNO-NCW vindt
het een ‘buitengewoon ongewenste’ ontwikkeling. Pensioenontslag is het enige
moment waarop het bedrijf ‘gratis’ van vast personeel af kan.
Hoeveel mensen het
pensioenontslag aanvechten is onbekend. In 2008 werkten ongeveer 100 duizend
65-plussers. Een verdubbeling ten opzichte van 1995.
Het volledige artikel van
Elsbeth Stoker in: de Volkskrant, 7 juli 2009.

PENSIOENFONDS MIST EXTRA
SPAARPOT
Veel werknemers willen wel
bijsparen om hun pensioengat op te vullen. De meesten doen dat bij voorkeur
niet bij hun pensioenfonds.
Dit blijkt uit een onderzoek
van GfK Panelservices in opdracht van verzekeraar Generali. Meer dan de helft
van de 1000 ondervraagde werknemers vindt de informatie van de
pensioenaanbieders onvoldoende, aldus het onderzoek.
Vier van de tien ondervraagden
willen weten of hun pensioenopbouw voldoende is om na hun pensionering op
dezelfde voet verder te kunnen leven. Is dat niet het geval, dan is 45 procent
bereid extra te sparen, aldus het onderzoek. Driekwart wil die spaarpot niet
onderbrengen bij hun eigen pensioenfonds.
‘Dit duidt op een grote
vertrouwensbreuk met de pensioenfondsen’, concludeert Jaap Oudijk, directeur marketing
van Generali. De werknemers weten naar zijn zeggen dat met hun premie minder
pensioen wordt opgebouwd dan waarop zij hebben gerekend. Maar zij hebben geen
idee welke bedragen het precies betreft.
De Volkskrant, 9 juli
2009

ZELF PENSIOENGAT DICHTEN
POPULAIRDER (2)
Bijsparen ’enige’ manier
om comfortabel te kunnen blijven leven. Wantrouwen van werknemers tegenover
pensioenfondsen neemt toe.
Omdat het wantrouwen
tegenover de pensioenfondsen groeit, gaan mensen – naast hun reguliere
pensioenopbouw – steeds vaker sparen of beleggen om hun pensioengat te dichten.
Paul Duijsens van
consultancyclub Mercer kan zich de bezorgdheid maar al te goed voorstellen.
‘Dat mensen bang zijn dat ze zich straks hun huidige levensstijl niet meer
kunnen veroorloven omdat hun pensioen niet parallel loopt aan de inflatie is
zonder meer begrijpelijk’. De uitkomst van het onderzoek door het bureau GfK
in opdracht van verzekeraar Generali, verbaast Edward Snieder van adviesfirma
KPMG in ieder geval niet. ‘Dat werknemers bij gaan sparen is logisch. Ze zien
de pensioenfondsen niet goed beleggen en hebben hun pensioengeld zien
verdampen,.’
Snieder zegt dat zelf je
pensioen regelen ook niet de beste optie is. Veel mensen zien over het hoofd
hoeveel dat kost. ‘Ga je zelf beleggen omdat je denkt dat je het beter kunt
doen dan je pensioenfonds, dan is dat voor jou een stuk duurder dan
bijvoorbeeld voor een pensioenbeheerder. Ook aan het banksparen zitten nadelen.
‘De rentetarieven fluctueren. En ook al haal je op een spaarrekening een
jaarlijks rendement van 5 procent, dan is dat nog in de meeste gevallen niet
genoeg om na je pensioen van te kunnen leven’, aldus de adviseur van KPMG.
Het volledige artikel van
Tjeers Wiersma in: Dagblad De Pers, 9 juli 2009.

BANGE DEEL VAN CNV ZIET
SLECHTS BELANG VAN OUDERE WERKNEMER
CNV wil geen verhoging van
de AOW-leeftijd. Uit angst, zegt de scheidend voorzitter CNV Jongeren Klaas
Pieter Derks.
Het CNV lijkt de weg kwijt te
zijn. Dit voorjaar berichtte de tweede vakbond van het land dat het niet tegen
de verhoging van de AOW-leeftijd is. Maar onlangs liet het weten van mening
veranderd te zijn. Vanwaar die draai?
Angst, verklaart Klaas Pieter
Derks. (29). Binnenkort neemt hij afscheid – na ruim drie jaar voorzitter te
zijn geweest van een van de elf vakbonden die onder de papaplu van de
christelijke vakcentrale vallen. Door de AOW-draai vreest Derks dat de vakbond de
jongeren definitief van zich heeft vervreemd. ‘En daar baal ik van. Ons
huidige standpunt is een te slap compromis. Je ziet bij de AOW-discussie het
weer – het bange deel van de vakbeweging heeft alleen oog voor de belangen van
de oudere werknemers en de jongeren mogen straks de rekening van de
kredietcrisis betalen.
De vakbeweging zou creatieve oplossingen moeten zoeken
die recht doen aan alle generaties. Een geleidelijke verhoging van de
AOW-leeftijd vanaf 2016 is een solidaire manier om de kosten van de financiële
crisis te verdelen over de generaties. In december vonden wij het een mooi
moment het weer eens aan de orde te stellen. Maar de reacties vielen me tegen.
Een aantal CNV-voorzitters reageerden verbolgen. Als jullie, jongeren, nog eens
wat willen binnen CNV moeten jullie vooral dit soort dingen doen, dreigden ze.
Heel genant. Toch lukte het een peiling onder de leden af te dwingen.
Wat
bleek enkele maanden later: een meerderheid van de CNV-leden wilde best over de
verhoging van de AOW-leeftijd praten. Maar toen dit nieuws met de kop “CNV is
voor verhoging AOW-leeftijd” in De Telegraaf stond, sloeg de angst toe.
Uiteindelijk spraken we af dat er een uitgebreid vervolgonderzoek kwam en dat
er een taboeloze discussie gevoerd zou worden. Maar inmiddels is het woord
discussie verdwenen en is het labeltje taboe blijven hangen. FNV blijft zo hard
roepen dat het tegen is. Wij, en MHP, zijn genuanceerder. Het kan bijna niet
anders dat de SER met een verdeeld advies zal komen. Het kabinet mag dit
probleem dan alsnog oplossen. Ik heb de indruk dat FNV hoopt dat de PvdA dan zo
bang geworden is, dat het niet meer durft. Het ziet al dat de PvdA
terugkrabbelt. Ik hoop dat Wouter Bos stevig overeind blijft en zorgt dat de
jongeren hier niet de dupe van worden. Maar ik vrees dat het als zand door mijn
vingers wegloopt.’
Het volledige interview van
Elsbeth Stoker in: de Volkskrant, 13 juli 2009.

PENSIOENFONDSEN EISEN GELD
TERUG
Vier pensioenfondsen
dachten dat zij een renderende belegging hadden. Maar het bleek een strop toen
zakenbank Lehman vorig jaar bankroet ging. Wie draait op voor het verlies? Enkele
dagen na het plotselinge faillissement van de zakenbank Lehman op 15 september
2008 kwam bij de toezichthoudende Nederlandsche Bank de eerste onheilstijding
binnen. Meer volgden.
Het gaat om vier middelgrote
en kleine pensioenfondsen. Zij lieten een deel van hun vermogen beleggen door
State Street, een Amerikaanse gigant. In Nederland beheert State Street volgens
cijfers van adviesbureau Bosch uit 2008 ongeveer 29 miljard euro. Dat gaf State
Street een negende plaats op deze markt.
De vier klanten die zijn
meegezogen in het Lehman-bankroet zijn het Pensioenfonds Medewerkers
Apotheken, het pensioenfonds van medicijnengroothandel OPG, het Nederlandse
pensioenfonds van het Noorse chemische bedrijf Yara en het Nederlandse
pensioenfonds van sigarettenfabrikant British American Tobacco.
Toen Lehman over de kop ging,
bleek dat het beleggingsfonds van State Street zijn complete
effectenportefeuille als onderpand had geplaatst bij Lehman.
Het volledige artikel van
Menno Tamminga in: NRC Handelsblad, 14 juli 2009.

TWINTIG PENSIOENFONDSEN
WILLEN KORTEN OP UITKERING
Twintig Nederlandse
pensioenfondsen zijn van plan te gaan korten op de uitkeringen van de
pensioenen. Dat blijkt uit informatie op de website van De Nederlandsche Bank,
die toezicht houdt op de pensioenfondsen.
Om welke fondsen het gaat,
kan De Nederlandsche Bank wegens de geheimhoudingsplicht niet zeggen; wel dat
het vooral kleinere fondsen zijn. Of de korting werkelijkheid wordt, is nog
onzeker.
Die twintig fondsen moeten er
heel slecht hebben voorgestaan, want dit is een drastische maatregel, zegt
pensioenspecialist Corey Dekkers van Pensioendesk.
Het volledige artikel van
Ellen Den Hollander in: AD Utrechts Nieuwsblad, 15 juli 2009.

PLANNEN PENSIOENFONDSEN TE
ZWAK (2)
De Nederlandsche Bank
(DNB) heeft de herstelplannen van een kleine groep pensioenfondsen afgewezen.
Om hoeveel fondsen het gaat wil de DNB niet zeggen.
Veel fondsen zijn door de
financiële crisis in de problemen gekomen. Circa 340 pensioenfondsen moesten
voor 1 april een herstelplan indienen. Voor 1 juli zou DNB ze beoordelen maar
de toezichthouder zou volgens de NOS met ongeveer vijftig pensioenfondsen in
gesprek zijn, omdat hun herstelplannen onvoldoende zijn.
De plannen van de grote
fondsen ABP en Zorg en Welzijn zijn wel goedgekeurd, dat van Nutreco zou
voorlopig afgewezen zijn. Ook zouden er problemen zijn met de pensioenfondsen
van notarissen, apothekers en werknemers van de sociale werkplaatsen.
Pensioenfondsen moeten een
zogeheten dekkingsgraad hebben van minimaal 105 procent; genoeg om alle
pensioenen te kunnen uitbetalen, plus een buffer. Vorig jaar bleek dat veel
pensioenfondsen door de kredietcrisis daar onder doken.
De Volkskrant, 15 juli 2009

HERSTEL PENSIOENFONDSEN
DANKZIJ STIJGENDE KOERSEN
Blinde pensioenpaniek
lijkt voorbij. Ook Nederlands grootste fonds ABP haalt de achterstand in.
De grote pensioenfondsen in
Nederland hebben hun financiële positie de afgelopen maanden verbeterd. Ze
profiteerden van een opleving op de aandelenmarkten en een stijging van de
rente waardoor zij gemakkelijker aan hun pensioenverplichtingen kunnen voldoen.
ABP behaalde in het afgelopen
halfjaar een beleggingsrendement van 4,5 procent. Mede daardoor was de
zogenoemde dekkingsgraad eind juni gestegen naar 98 procent, tegen 90 procent
eind vorig jaar.
PMT het pensioenfonds voor
metaal en techniek, had eind vorige maand een dekkingsgraad van 92 procent
tegen 83 procent aan het einde van het eerste kwartaal. Het pensioenfonds voor
de Metaalelektro (PME) kwam uit op een niveau van 95 procent, 8 procentpunt
beter dan eind maart. ABP waarschuwde voor al te
groot optimisme. Daarvoor zijn de financiële markten nog te onrustig.
Het volledige artikel in:
Dagblad De Pers, 16 juli 2009

BRITISH AIRWAYS IN
GELDNOOD VALT TERUG OP PENSIOENFONDS
Britse
luchtvaartmaatschappij lijdt kwartaalverlies van ongeveer 116 miljoen euro.
Uitgifte obligaties en offer van pensioenfonds moeten de ergste nood lenigen.
De Britse
luchtvaartmaatschappij British Airways(BA) heeft 730 miljoen euro (630 miljoen
pond) extra cash nodig om zijn liquiditeitspositie te verbeteren. De
vliegmaatschappij heeft 382 miljoen euro losgepeuterd van de beheerders van het
bedrijfspensioenfonds. De rest, 348 miljoen euro wil BA ophalen met de uitgifte
van converteerbare obligaties.
Het pensioenfonds van BA
verkeert in deplorabele staat. De pensioenpot vertoont een schrikbarend tekort
van bijna 3,5 miljard euro. In 2006 gaf de luchtvaartmaatschappij een aantal
oudere vliegtuigen in onderpand in ruil voor een bankgarantie van 382 miljoen
euro. Dat bedrag zouden de banken uitkeren aan het pensioenfonds als de
luchtvaartmaatschappij bakroet zou gaan. De fondsbeheerders hebben er nu mee
ingestemd deze bankgarantie terug te geven aan het moederbedrijf. Omdat de
garantie het tekort van het pensioenfonds bij lange na niet dekt, schieten de
leden van het pensioenfonds er immers niets mee op als het moederbedrijf
failliet gaat. In dat geval weten ze zeker dat ze naar een deel van hun
pensioen kunnen fluiten.
Het volledige artikel van
Yvonne Hofs in: de Volkskrant, 18 juli 2009.

ONTSLAG MET 65 JAAR WEL
RECHTSGELDIG
Werkgevers staan wel
degelijk in hun recht als zij een werknemer willen dwingen op zijn 65ste met pensioen te gaan. Recente vonnissen ontkrachten dat niet.
‘Pensioen niet meer per se op
65’, kopte de Volkskrant op 7 juli. In het artikel wordt uiteengezet
dat het automatisch eindigen van de arbeidsovereenkomst bij 65 jaar
–pensioenontslag – niet langer vanzelfsprekend is. Dat is slechts in
uitzonderlijke situaties zo. Zolang het automatisch eindigen bij 65 jaar
contractueel is vastgelegd, is het pensioenontslag wel degelijk rechtsgeldig.
In verreweg de meeste
gevallen eindigt de arbeidsovereenkomst automatisch wanneer de werknemer de
AOW-gerechtigde leeftijd van (nu nog) 65 jaar bereikt. Grof gezegd zijn er
drie vormen van pensioenontslag. De meest duidelijke vorm is een
pensioenontslagbeding in de (collectieve) arbeidsovereenkomst. Dat is een
standaardbepaling die in vrijwel iedere cao voorkomt.
De tweede vorm van
pensioenontslag is iets minder duidelijk. Daarin is wel expliciet – via de
pensioenregeling - de pensioengerechtigde leeftijd van 65 jaar overeengekomen,
maar is niet uitdrukkelijk bepaald dat de arbeidsovereenkomst van de werknemer
op dat moment automatisch eindigt.
De derde en meest omstreden
vorm is het AOW-ontslag. In dat geval zijn de partijen geen einddatum
overeengekomen in de arbeidsovereenkomst, en is er ook geen aanvullende
pensioenregeling.
Er wordt tegenwoordig – zo
blijkt ook uit het Volkskrant-artikel – geknabbeld aan de gewoonte dat
pensioen en einde arbeidsovereenkomst synoniem zijn. Verwezen wordt naar een
uitspraak van de kantonrechter in Amsterdam van vorig jaar. Die stelde dat de
arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd helemaal niet automatisch kunnen eindigen.
Ik wijs erop dat die
uitspraak juist opvallend is omdat hij afwijkt van vele uitspraken van
gerechtshoven, kantonrechters en het Codfrief-arrest van de Hoge Raad uit
1995,die pensioenontslag wel aanvaarden
Uit het bovenstaande b lijkt
mijns inziens dat het uitgangspunt is en blijft dat – mits goed vastgelegd –
pensioenontslag bij 65 jaar rechtsgeldig is. Tegelijkertijd wijs ik er op dat
het pensioenontslag een lacune is in de wetgeving. Zo is nergens vastgelegd dat
een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd automatisch kan eindigen wegens
pensionering. Het wordt hoog tijd dat de wetgever duidelijkheid schept.
Het volledige artikel van
Mark Heemskerk in: de Volkskrant, 18 juli 2009.

FNV VOERT HARDE ACTIE
TEGEN VERHOGING VAN AOW-LEEFTIJD
Grootste vakbond trapt af
met staking van 65 minuten.
De grootste vakbond van het
land, FNV Bondgenoten, bereidt zich voor op een harde strijd tegen een
verhoging van de AOW-leeftijd van 65 naar 67. Op 7 oktober moet het hele land
65 minuten tegelijk ‘pauzeren’. Als dat niet genoeg blijkt, volgen in het
uiterste geval massale protesten op het Malieveld in Den Haag of het
Museumplein in Amsterdam.
Dat zegt voorzitter Henk van
der Kolk, in een interview met deze krant. Hij noemt de regering ronduit ‘niet
betrouwbaar’ , omdat deze voorbereidingen treft om de AOW-leeftijd op te
trekken naar 67 jaar, terwijl zij beloofd had eerst een advies van de
Sociaal-Economische Raad (SER) af te wachten. Vakbonden zijn in de SER
vertegenwoordigd en kunnen dus invloed uitoefenen op dit advies.
Maar foetert Van der Kolk,
minister Donner wacht helemaal niet op het advies. Hij heeft het plan om de
AOW-leeftijd op te krikken al verder uitgewerkt in een notitie. “Bovendien
probeert hij voor deze notitie steun te vergaren in de Tweede Kamer en bij de
bevolking. Dat is niet de afspraak”. De vakbondsman voelt zich ‘gepiepeld’,
“Voorstanders zeggen dat
jongeren de rekening betalen als de AOW-leeftijd niet omhoog gaat. Maar zij
betalen juist de rekening als deze wel omhoog gaat. Zij moeten langer
doorwerken en ontvangen minder land AOW. Bij het huidige uitkeringsniveau lopen
ze 25,000 eurp per persoon mis. En als ouderen langer werken verdringen zij
jongeren van de arbeidsmarkt. Bovendien betalen mensen met de laagste inkomens
weer de rekening want zij hebben vaak een zwaarder beroep en een langere
levensverwachting’, aldus Van der Kolk.
Van der Kolk pleit voor
andere bezuinigingsmaatregelen, die uitgaan van het principe dat de sterkste
schouders de zwaarste lasten moeten dragen. Waaronder het aftoppen van de
hypotheekrenteaftrek op huizen van meer dan een miljoen euro. En een
hypotheekrenteaftrek in het 42-procentstarief, ongeacht het inkomen. Maar of
de werkgevers die ook in de SER zitten, veel voor deze maatregelen zullen
voelen . Verder wil de bond dat de AOW voortaan uit belastinggeld wordt
betaald.
Het volledige artikel van
Richard Clevers in: Ad Utrechts Nieuwsblad, 20 juli 200.

MASSALE PROTESTEN ALS
AOW-LEEFTIJD 67 WORDT
Op 7 oktober leggen
werknemers 65 minuten lang hun werk neer. Althans, als het aan Henk van der
Kolk (56) ligt. Maandag liet hij weten dat zijn vakbond FNV Bondgenoten
grootschalige acties in voorbereiding heeft.
Luistert het kabinet niet
naar zijn pleidooi, dan is de pauze van 65 minuten nog maar het begin van een
hete herfst, waarschuwt de grootste vakbond van het land. Van der Kolk vreest
namelijk dat ‘als hij zijn tanden niet laat zien’ het kabinet de plannen om de AOW-leeftijd
te verhogen naar 67 jaar doorvoert en het SER-advies dat in de maak is,
negeert.
Het volledige artikel van
Elsbeth Stoker in: de Volkskrant, 21 juli 2009.

SHELL STORT 2 MILJARD EURO
IN PENSIOENFONDS
Shells pensioenfonds hard
geraakt door financiële crisis. Dekkingsgraad was geduikeld van 180 naar 80
procent. De storting maakt deel uit van een pakket maatregelen om het vermogen
van het pensioenfonds weer op een aanvaardbaar niveau te krijgen.
Dat blijkt uit het
jaarverslag van het Shell Pensioenfonds over 2008, dat deze week is
gepubliceerd. Het Shell Pensioenfonds had het grootste deel van zijn geld in
aandelen zitten. De waarde van de beleggingen daalde afgelopen jaar met 43
procent. Eind 2008 beschikte het pensioenfonds over een vermogen van 10,6
miljard euro terwijl de pensioenverplichtingen 13,2 miljard euro omvatten.
Het volledige artikel in: De
Volkskrant, 24 juli 2009.

NOODGREEP IN DE KAS VAN
TWEE MULTINATIONALS. (2)
Shell en ING redden hun
pensioenfondsen met miljardeninjecties na rampjaar met beleggingen. Shell en
ING hebben de pensioenen van hun werknemers gered. Dat onderstreept het ultieme pensioenrisico. Hoe sterk
is een werkgever in crisistijd?
Shell legt in één keer twee
miljard euro op tafel voor zijn Nederlandse fonds dat de pensioenen regelt voor
bijna 38.000 huidige en voormalige werknemers. Verder geeft Shell de komende
drie jaar elk kwartaal extra steun indien dat nodig is. ING heeft iets meer dan
een miljard euro extra gespendeerd om de pensioenen van ruim 73.000 (huidige en
voormalige) werknemers te ondersteunen.
Het Shellfonds, dat van
oudsher knappe rendementen maakt op zijn grote aandelenbeleggingen, zat
middenin in die financiële maalstroom. Vrijwel alles werd meegesleurd. Van de
aandelenportefeuille van ruim 12 miljard euro begin 2008 was aan het eind van
het jaar minder dan drie miljard euro over. Als mondiale belegger had het
pensioenfonds ook het beleid om risico’s op wisselkoersen te neutraliseren.
Dat gebeurt via transacties met grote banken of andere geldbeheerders. Toen de
financiële paniek toesloeg moest het pensioenfonds meer zekerheden op tafel
leggen voor die transacties. Het fonds moest geld vrijmaken. Dat leidde tot de
“noodzaak om voor aanzienlijke bedragen effecten te moeten verkopen op een ongunstig
moment”, schrijft het bestuur van het fonds in het deze week gepubliceerde
jaarverslag.
Shell is verplicht het fonds
te redden op grond van in het verleden gemaakte afspraken met het pensioenfonds
. Als de dekkingsgraad in een periode van zes maanden regelmatig onder de 105
procent staat, moet Shell bijspringen.
Het pensioenfonds van ING
heeft vergelijkbare afspraken voor steunacties als de dekkingsgraad onder de
105 procent dreigt te komen. Maar waar Shell over 2008 een winst boekte van 26
miljard dollar, leed ING een verlies van ruim 700 miljoen euro. ING kreeg in
het vierde kwartaal een kapitaalinjectie van de overheid van 10 miljard euro.
Het volledige artikel van
Menno Tamminga in: NRC Handelsblad, 24 juli 2009.

HOUD EERST DE 55-PLUSSERS
AAN HET WERK
Gelukkig ligt de verhoging
van de AOW-leeftijd nog niet vast. De maatregel is namelijk veel te
simplistisch en totaal niet solidair.
Schuiven met de AOW is een
gemakzuchtige, simplistische oplossing. Ze staat haaks op een eerlijke
verdeling van de crisislasten en op een arbeidsmarktbeleid dat de
arbeidsparticipatie effectief help verhogen, zonder betaald werk heilig te
verklaren.
In de eerste plaats is er het
arbeidsmarkt argument. 65-plussers kunnen, zo luidt de inmiddels gangbare
redenering achter het kabinetsvoorstel, met hun riante levensverwachting best
langer doorwerken. Maar hoe reëel is dit perspectief? Ongeveer de helft van de
mensen in deze leeftijdscategorie heeft geen betaald werk. Werkgevers zitten
vaak niet op hen te wachten. Alle reden dus om eerste maar eens de
arbeidsparticipatie tot het 65ste jaar te verhogen. In de tweede
plaats is er het solidariteitsargument. Het is hoog tijd, vinden sommigen, dat
de oudere generatie solidariteit betoont met de jongere generaties en door langer
door te werken een deel van de lasten van de vergrijzing voor eigen rekening
neemt. Maatregelen zoals afschaffing van de renteaftrek voor hypotheken boven 1
miljoen euro, verhoging van het toptarief in de inkomstenbelasting en verdere
fiscalisering van de AOW dragen bovendien minstens zoveel bij aan gezondere
overheidsfinanciën als verhoging van de AOW-leeftijd.
De politiek dreigt de
systeembeheerder te worden van een ingewikkeld stelsel van publieke
voorzieningen die in de hand moeten worden gehouden. Zo raken de aspiraties van
mensen buiten beeld.
Het volledige artikel van
Frans Becker in: de Volkskrant, 25 juli 2009.

JONGERIUS OPPERT FLEXIBELE
AOW
De FNV blijft zich
verzetten tegen een wettelijke verhoging van de AOW-leeftijd, zoals het kabinet
wil.
In een gesprek met nieuwssite
NU toont Jongerius zich optimistisch over het pakket maatregelen waarmee de
vakcentrale in de Sociaal-Economische Raad (SER) hoopt alle partijen mee te
krijgen.
De besprekingen in de SER
moeten vóór 1 oktober leiden tot een alternatief voor de verhoging van de AOW
naar 67 jaar.
Met de maatregel om de
AOW-leeftijd te verhogen wil het kabinet de houdbaarheid van de
overheidsfinanciën in de toekomst garanderen, omdat de vergrijzing de
financiële basis van de sociale voorzieningen (gezondheidszorg, AOW)
ondergraaft. Dit probleem is des te nijpender geworden door de kredietcrisis en
de economische recessie, waardoor het begrotingstekort en de staatsschuld
dramatisch stijgen.
Jongerius meent dat er genoeg
alternatieven zijn voor de 4 miljard euro, die het kabinet met de verhoging van
de AOW-leeftijd wil bezuinigen.
Een flexibele AOW levert niet
de benodigde 4 miljard euro op. Daarom pleit Jongerius opnieuw voor afschaffing
van de hypotheekrenteaftrek voor woningen boven een miljoen euro, waarmee 3,5
miljard euro wordt bespaard. Ook wil ze een toptarief van 60 procent
introduceren voor mensen met een jaarinkomen boven de 250.000 euro ( opbrengst
300 miljoen). Daarnaast moeten de hogere inkomens meer zorgkosten
(ziektekosten, AWBZ) voor hun rekening nemen, hetgeen 3,6 miljard oplevert.
Het volledige artikel in: AD
Utrechts Nieuwsblad , 22 juli 2009.

DEKKING PENSIOENFONDSEN OP
PEIL DOOR STIJGENDE KOERSEN
De stijgende koersen
hebben een gunstige uitwerking op de financiële positie van pensioenfondsen.
De zogeheten dekkingsgraad van de fondsen is nu gemiddeld 105 procent, blijkt
uit een actuele analyse van pensioenconsultant Mercer.
Daarmee voldoen velen weer
aan een door de toezichthouder De Nederlandsche Bank (DNB) gestelde ondergrens.
Daardoor is de kans dat fondsen op uitkeringen gaan korten kleiner geworden,
zegt beleggingsadviseur Dennis van Ek van Mercer. Twintig pensioenfondsen
overwegen die uiterste maatregel, zo werd onlangs bekend.
De kans dat pensioenfondsen
volgend jaar weer kunnen indexeren neemt dankzij de stijgende beurskoersen
bovendien weer toe, zegt van Ek. Indexatie betekent dat deelnemers in het
pensioenfonds gecompenseerd worden voor de stijging van het algemeen prijspijl
(inflatie). De dekkingsgraad moet groeien naar minimaal 135 procent om volledig
te kunnen indexeren. De AEX-index, hoofdgraadmeter op het Damrak, won in de
afgelopen twee weken ongeveer 13 procent.
AD Utrechts Nieuwsblad, 25
juli 2009.

Opinies uit de media
POLDER MOET CRISIS OVER
PENSIOENGRENS BEZWEREN
Het is in oktober erop of
eronder voor kabinet en partners.
Twee maanden is politiek Den
Haag met reces. Maar achter de schermen wordt deze zomer noest doorgewerkt aan
een oplossing voor wat in het najaar een groot politiek probleem dreigt te
worden: de verhoging van de AOW-leeftijd van 65 jaar naar 67 jaar.
De SP heeft acties
aangekondigd. De FNV demonstreert waar ze kan, en in peilingen verklaren steeds
meer burgers de pensioengrens van 65 jaar heilig. Komen vakbonden en werkgevers
voor 1 oktober niet met een unaniem SER-advies, dan is een kabinetscrisis zeer
wel denkbaar.
Eigenlijk deed in maart maar
een partij ‘moeilijk’ over de AOW: De FNV van Agnes Jongerius. Maar de wereld
is veranderd sinds maart. De schijnwerpers mobiliseren het verzet. De afwijzing
van het publiek wordt na debat na debat feller. De PvdA hield op een
ledenbijeenkomst vorige week zaterdag in Arnhem tenauwernood een motie tegen
die de fractie opriep om van elke ingreep in de AOW gehakt te maken.
Ondertussen is de AOW ook
niet louter een politiek probleem. Ook voor de polder is het in oktober erop of
eronder. De SER kan zich als adviesclub onsterfelijk maken door een alternatief
te bedenken, waardoor de coalitie niet in de problemen komt. Denk aan de
status die het poldermodel in de (crisis-)jaren tachtig verwierf met het
Akkoord van Wassenaar. Lukt het niet, dan krijgen al diegenen gelijk die
roepen dat het polderoverleg zijn langste tijd heeft gehad.
Vakbonden en werkgevers
hebben nog een belang: ook zij zitten niet te wachten op een splijtende
regering-Wilders. Valt het kabinet, omdat de PvdA-achterban de AOW-ingrepen
dwarsboomt, dan komt de PVV van Geert Wilders volgens de laatste peilingen met
dertig zetels de Tweede Kamer binnen. Geen aanlokkelijk perspectief voor de
sociale partners.
Den Haag vestigt zijn hoop op
de polder. De SER heeft nog drie maanden.
Het volledige artikel van
Yvonne Doorduyn in: de Volkskrant, 6 juli 2009.

DE INTEGRATIE IS MEER EEN
PROBLEEM DAN DE IMMIGRATIE
Het ontslagrecht, de AOW,
de crisis: het ministerschap van Sociale Zaken pakt voor Piet Hein Donner een
stuk pittiger uit dan bij zijn aantreden verwacht. Hij houdt vast aan een
AOW-leeftijd van 67 jaar en toont zich bezorgd over de politieke gevolgen van
de snel oplopende werkloosheid. ‘Wilders heeft geen beleid’.
De crisis zorgt voor grote
werkloosheid. Donner probeert werknemers en bedrijven te helpen met
mobiliteitscentra, werktijdverkorting (eerst) een deeltijd-WW (nu). Dat levert
al voldoende problemen op, want bedrijven, Bonden en Tweede Kamer vinden het
niet gauw genoeg.
Maar de grootste steen des
aanstoots is de AOW. Donner heeft op zich genomen om de AOW-leeftijd op termijn
te verhogen tot 67 jaar met de bedoeling zo geld te besparen en meer mensen
langer aan het werk te houden. Intussen wordt het CDA, de partij van
crisismanager Donner, door de kiezers bepaald niet beloond voor zijn inzet.
Nogal wat CDA-kiezers lopen naar de PVV van Geert Wilders.
‘Nou, ik zal niet zeggen dat
Wilders een beleid heeft. Hij heeft wel standpunten. En die zijn doorgaans:
niet te veranderen. Verhogen van de AOW-leeftijd? Nee! Als het gaat om
ontslagrecht? Nee! Als het gaat om andere punten: we moeten de regels zoveel
mogelijk houden als ze zijn. Maar wat de samenhang is, van welke visie het getuigt
en hoe we uit deze crisis moeten komen? In elk gevaar niets veranderen. Zegt
hij’, aldus Donner.
‘De AOW-maatregel is
onderdeel van het pakket dat nodig is om onze publieke voorzieningen, de
sociale zekerheid en de zorg voor ouderen úberhaupt overeind te kunnen houden.
Het is geen onderdeel van de maatregelen die nu acuut nodig zijn om de crisis
te bestrijden. Het is onderdeel van het bredere vraagstuk: Hoe houden we hier
op termijn de voorzieningen overeind. Die kwestie is door de economische gevolgen
van de crisis wel onder grotere druk gezet. De AOW is ook niet dé oplossing om
het toekomstige gat in de overheidsfinanciën op te lossen. Het gaat ook om
maatregelen in de zorg en om een beperkte verhoging van de lasten’, aldus
Donner.
‘Ik constateer dat wij in
Nederland wel met een heel uitzonderlijke bevolking behept moeten zijn, want
precies dezelfde discussie speelt in een reeks van andere landen in Europa. En
waarop zou dat daar wel een oplossing zijn en hier niet? Het klopt dat de AOW
niet stond in het verkiezingsprogramma van de regeringspartijen. Maar als ik
die redenering zou toepassen op de nieuwe afspraken over de begrotingstekorten,
dan zou mevrouw Jongerius onmiddellijk roepen dat de wereld nu veranderd is.
Het is absoluut zo dat de keuze voor de latere AOW in het coalitieakkoord niet
is gemaakt. Zelfs een jaar geleden heeft het kabinet die keuze nog niet
gemaakt. Die keuze wordt nú wel gemaakt, als gevolg van de economische gevolgen
van de crisis. De staatsschuld is in heel korte tijd met een enorm bedrag
toegenomen. Men vergeet ook dat we nu een hele stap terugdoen in het
ontwikkelingspatroon van de economie. En jawel, het is zo dat de
leeftijdsverhoging tot op zekere hoogte de aanspraken op een verzekering als de
AOW raakt, omdat iedereen uiteindelijk wordt gevraagd om twee jaar langer te
werken. Maar daardoor krijg ik ook meer belastinginkomsten en los ik ook het
andere probleem op, namelijk, hoe krijg ik meer handen beschikbaar om al de
ouderen te gaan verzorgen.’
Het volledige artikel van Syp
Wynia in: ELSEVIER, 11 juli 2009

MAAK DE AOW NET ZO
VARIABEL ALS HET LEVEN
Er zijn goede argumenten
om de AOW-leeftijd ter discussie te stellen. Wat nou als de gemiddelde
levensverwachting straks 100 jaar wordt?
Jarenlang rustte er een taboe
op iedere serieuze ingreep in de AOW. Maar onder de financiële druk van een
economische crisis blijkt ineens veel mogelijk dat tot voor kort ondenkbaar
leek. Spijtig is dat de financiële noodzaak – bezuinigingen – het daarbij wint
van inhoudelijke argumenten.
Twee veelgehoorde argumenten
zijn dat door de vergrijzing de AOW-uitgaven de komende decennia bijna zullen
verdubbelen en dat ouderen langer moeten doorwerken om die oplopende uitgaven
te financieren. Het eerste argument klopt niet, want door de koppeling van de
AOW aan de CAO-lonen blijft de AOW achter bij de algemene
welvaartsontwikkeling. Het tweede snijdt meer hout. Maar de tegenstanders van
een hogere AOW-leeftijd hebben gelijk als zij stellen dat men zich voor dat
doel voorlopig beter kan concentreren op de groep 55- tot 64-jarigen.
Toch zijn er goede argumenten
om de AOW-leeftijd wel ter discussie te stellen. Die dreigen nu ondersneeuwd
te raken. Want wat is eigenlijk de idee achter de AOW? De grondgedachte is dat
we mensen aan het eind van hun leven in staat willen stellen nog een aantal
jaren in redelijke welstand van hun ‘welverdiende rust’ te genieten. Het leven
wordt daarbij opgedeeld in drie fasen: een jeugdfase waarin we niet werken,
maar leren; een middenfase waarin we werken; en een laatste fase waarin we
niet meer werken, maar genieten van de jaren die ons resten.
Nu kunnen we over de
verdeling van het leven over de verschillende fasen in beginsel vrij beslissen.
Een belangrijke vraag daarbij is welk deel van ons inkomen we in de actieve
levensfase bereid zijn af te dragen ten behoeve van de twee andere fasen. Wie
per se wil vasthouden aan de AOW-leeftijd van 65 jaar, gaat er blijkbaar van
uit dat we met het stijgen van de levensverwachting automatisch de derde
levensfase willen verlengen. Dat kan, maar als we dan de lasten in de actieve
fase niet willen verhogen, zullen we wel het niveau van de uitkering moeten
verlagen. Dat is de afgelopen decennia al sluipenderwijs gebeurd. Het is een
weinig aanlokkend vooruitzicht om daarmee nog decennia door te gaan. Het
alternatief is dat we in de tweede levensfase een nog groter deel van ons
inkomen uittrekken voor de voorzieningen voor de oude dag dan we nu doen.
In mijn ogen is een andere
optie aantrekkelijker, namelijk het verleggen van de tweede fase, waardoor de
verhouding tussen de drie fasen min of meer gelijk blijft. Stel dat de
levensverwachting in de toekomst 100 jaar wordt. Zou een pensioenleeftijd van
65 dan nog steeds de meest wenselijke zijn?
Een andere vraag is of die
derde levensfasen voor iedereen bij dezelfde leeftijd moet beginnen. De
overgang van de eerste naar de tweede fase varieert al aanzienlijk: academici
betreden de arbeidsmarkt een jaar of acht later dan vmbo’ers. Waarom zouden we
dan voor de overgang van de tweede fase naar de derde fase wel voor iedereen
dezelfde leeftijd aanhouden?
Een variabele AOW-leeftijd
zou kunnen worden gebaseerd op het arbeidsverleden of op de leeftijd waarop men
van school is gekomen, op de levensverwachting (samenhangend met het opleidingsniveau)
of op de persoonlijke voorkeur. Ook zou de AOW-uitkering, bijvoorbeeld vanaf
63 jaar, in een aantal jaren stapsgewijs kunnen worden verhoogd, zodat de
scherpe scheidslijn tussen de tweede oordeel over de verschillende en derde
fase verdwijnt.
Het is nu nog te vroeg voor
een definitief varianten, maar het zou goed zijn daar de komende jaren meer
studie naar te verrichten. Nu het taboe op de AOW-leeftijd is doorbroken,
kunnen we er beter maar gebruik van maken door een principiële discussie op te
starten over de gewenste scheidslijn tussen de tweede en derde levensfase.
Het volledige artikel van
Paul de Beer in: de Volkskrant, 25 juli 2009.

PENSIOENFONDSEN MOETEN HUN
KANS GRIJPEN
Nu minister Bos de hulp
van fondsen nodig heeft, kunnen zij eisen stellen aan rendementen. Laten de
pensioenfondsen niet te snel nee zeggen tegen het verzoek van minister Bos om
deel te nemen in het bankwezen. Ze kunnen nu eisen stellen.
De vraag is of aandelen in
ABN Amro voor de pensioenfondsen aantrekkelijk beleggingsmateriaal zijn en of
de fondsen überhaupt een algemene verantwoordelijkheid hebben voor het drijvend
houden van de overheid. Mijns inziens zou het wel degelijk zo kunnen zijn dat
beleggen in vaderlandse banken of infrastructuur een aantrekkelijke propositie
is voor een pensioenfonds, maar het hangt natuurlijk helemaal af van de geboden
voorwaarden,
Zou het bijvoorbeeld gaan in
de vorm van indexobligaties met door de staat gegarandeerde rente en
aflossingen, dan zou het bij een aantrekkelijke rente voor de fondsen wel eens
interessant kunnen zijn. Het probleem zit echter in de staatsgaranties, want de
staat wenst uiteindelijke risico juist af te schuiven op de rug van de
fondsen. Vanuit het standpunt van de fondsen zou het echter hoogst
onverantwoordelijk zijn tegenover hun verzekerden om dergelijke risico’s te
accepteren zonder ijzersterke garanties ter dekking van de te nemen risico’s.
In feite zitten de
pensioenfondsen – of liever gezegd de pensioenverzekerden – al lange tijd in
een zwakke positie. Hun belangen worden aan de onderhandelingstafel niet
adequaat behartigd, omdat zowel werkgevers als vakbonden belang hebben bij het
knijpen op de pensioenpremies.
Voor het eerst gloort de
mogelijkheid dat verzekerden niet alleen maar wat te vragen hebben aan de
staat, maar ook wat te bieden, namelijk de inzet van pensioenspaargelden om de
financiële sector te stutten en de infrastructuur op peil te houden. Het lijkt
mij dat de pensioenfondsen hier niet een ongeclausuleerd ‘njet’ moeten laten
horen. Hun onderhandelingspositie is door deze behoefte van de overheid veel
sterker geworden en zij dienen daar gebruik van te maken. Eindelijk hebben ze
een troef in handen. Het gaat er dan om serieuze afspraken te maken omtrent
staatsgegarandeerde rendementen en afspraken over het indexatiebeleid van
pensioenen in ruil voor de gewenste participaties. Daarnaast dient er voor de
fondsen een exit te zijn als de overheid zich niet aan de afspraken zou houden.
Het volledige artikel van
B.M.S. van Praag in : NRC Handelsblad, 13 juli 2009.

AOW-BEZUINIGING SLECHT
VOOR JONG EN OUD
De verhoging van de
AOW-leeftijd blijft een slecht idee. Ook jongeren hebben daar geen belang bij.
Met enige regelmaat duikt de
mythe op dat de voorgenomen bezuiniging op de AOW in het
belang zou zijn van de
jongere generaties. Maar de bezuiniging op de AOW is slecht voor jong en oud.
Ten eerste wordt de verhoging
van de leeftijdsgrens voor de AOW van 65 naar 67 jaar geleidelijk doorgevoerd
zodat de jongere generaties (in tegenstelling tot de ouderen) de volle
bezuinigingslast voor hun kiezen krijgen. Ten tweede blijft de AOW achter bij
de lonen, zodat mensen al een steeds lagere AOW-uitkering ontvangen. Ten derde
wil het kabinet niet alleen bezuinigen op de AOW, maar ook op het aanvullend
pensioen.
De FNV vindt dat we moeten
kiezen voor een AOW-systeem dat lusten en lasten eerlijk over inkomens en
generaties verdeelt.
De beste manier om de
overheidsfinanciën te verbeteren, is een verhoging van de arbeidsdeelname van
mensen die kunnen werken. De vakcentrale FNV en FNV Jong stellen daarom voor
langer doorwerken na het 65ste jaar op vrijwillige basis mogelijk te
maken onder dezelfde voorwaarden als voor andere werknemers gelden. Meer
keuzevrijheid in de AOW speelt in op de verschillen in arbeidsverleden en
gezondheid.
De oplopende kosten van de
AOW kunnen eerlijk worden gedeeld door de premie geleidelijk te verlagen en
deze te vervangen door financiering uit de belastingen.
Ook kan worden bezuinigd op
de hoge overheidssubsidies aan mensen met hogere inkomens en in het bezit van
een dure koopwoning.
Er zijn veel mogelijkheden
die beter en rechtvaardiger uitwerken dan de onnodige en oneerlijke
bezuinigingen op de AOW en de aanvullende pensioenen. Het is de keuze voor
samen eerlijk delen.
Het volledige artikel van
Agnes Jongerius en Jeroen de Glas in: de Volkskrant, 23 juli 2009.

Brieven uit de media
AOW-LEEFTIJD (1)
De argumenten van
vakbondsbaas Van der Kolk (AD 20-7) zijn onvolledig en onjuist. De generaties
vóór de huidige zijn meestal op hun 15de, 16de jaar
begonnen met werken en hebben dus een arbeidsleven van rond de vijftig jaar. De
jongelui van tegenwoordig beginnen zo’n tien jaar later met werken, zijn beter
opgeleid en hebben dus beter betaalde banen. Ze betalen dus niet langer maar
korter. Bovendien zorgt de zeer geleidelijke invoering, een maand per jaar
erbij, dat die pijn nogal meevalt. Voor zware beroepen zou een aangepaste
regeling kunnen worden getroffen.
Gerard Ligthart, Hoevelaken
in: AD Utrechts Nieuwsblad, 22 juli 2009.

AOW-LEEFTIJD (2)
De AOW is ontwikkeld toen de
gemiddelde mens nog vijftig werkzame jaren had. Maar ook deze verwachtingen
zijn inmiddels achterhaald. Een werkzaam leven van veertig tot 45 jaar is
tegenwoordig normaal. Dus de suggestie om de AOW-leeftijd voor deze groep te
verhogen, is vrij normaal.
Mevr. G. Schreuders, Voorburg
in: AD Utrechts Nieuwsblad, 23 juli 2009.

AOW-LEEFTIJD (3)
Vroeger begon men veel eerder
te werken. Er zijn nu jongeren, die soms twee studies volgen, na de studie een
(wereld)reis maken en pas ‘laat’ beginnen te werken. Criterium zou volgens mij
kunnen zijn: minimaal 45 jaar werken; later beginnen is langer doorwerken.
Bouwvakkers beginnen altijd eerder te werken, dus mogen ook eerder stoppen!
Siny Pots, Almelo in: AD
Utrechts Nieuwsblad 25 juni 2009.
|