PENSIOENEN IN HET NIEUWS
CITATEN UIT DE PERS INZAKE PENSIOENEN - deel 195
Deze nieuwsrubriek geeft een samenvatting
van in de media verschenen artikelen. Voor
de volledige informatie kunt u terecht bij de website van de betreffende uitgever.
Verzameld door Ton Boogers en bewerkt door Harry Nijhuis |
Overzicht deel 195 (t/m 9 juni 2010)
Nieuws uit de media
Voor de vorige artikelen: zie de index of het archief.
Nieuws uit de media
DEKKINGSGRAAD ABP NOG
ONDER VEREIST NIVEAU
Het
ambtenarenpensioenfonds ABP voldoet nog niet aan de vereiste dekkingsgraad van
105 procent
Per eind april was de
dekkingsgraad 102 procent. De dekkingsgraad geeft aan of het vermogen groot
genoeg is om op termijn aan de verplichtingen te voldoen. Hij is bepalend voor
de vraag of de uitkeringen worden aangepast aan gestegen lonen en prijzen. Om
de dekkingsgraag weer op niveau te brengen, moest ABP herstelmaatregelen nemen
waaronder verhoging van de premie met 1 procent. ‘Vanuit het herstelplan gezien
hebben we geen verhoging van de premie nodig’ , aldus Vicevoorzitter Xander den
Uyl.

REDDING
EURO PAKT MOGELIJK SLECHT UIT VOOR PENSIOEN
Voor Nederland is vooral
van belang dat andere eurolanden hun overheidstekort op orde krijgen.
Nederland loopt een veel
groter risico met de Europese reddingsoperatie dan andere eurolanden. Het
opkopen van overheidsschulden door de Europese Centrale Bank kan de inflatie in
de toekomst doen oplopen, waardoor de waarde van onze pensioenen daalt, zo
waarschuwt pensioenfonds ABP.
Waar andere landen de
uitkeringen van de gepensioneerden via de belasting laten betalen door de
werkende beroepsbevolking, sparen in Nederland werknemers zelf voor het
grootste deel van hun pensioen. Wanneer de geldontwaarding oploopt, kan er van
deze spaarpot minder worden gekocht zodat de koopkracht daalt.
ABP is al langere tijd bezig
zich te beschermen tegen de gevaren van de inflatie, zegt vicevoorzitter Joop
van Lunteren. “Voor pensioenen is inflatie één van de meest ingrijpende
gebeurtenissen, waar we ons tegen moeten dekken.
De bescherming tegen inflatie
is één van de belangrijke aandachtspunten die ABP voor zich zelf stelt voor de
komende tijd. Van Lunteren herhaalt daarom nog maar eens het pleidooi aan de
Nederlandse regering om obligaties uit te geven die geïndexeerd zijn tegen
inflatie – een automatische bescherming tegen geldontwaarding.
Het volledige artikel van Jan
Kleinnijenhuis in de Volkskrant, 14 mei 2010.

FRANKRIJK: EERDER MET
PENSIOEN
Overheidspersoneel werkt
korter, krijgt hogere uitkering.
Het Ambtenaarschap is een
droom in Frankrijk. Iets meer dan één op de vijf werkende Fransen is ambtenaar,
bijna twee keer zo veel als in Nederland. Pas in het afgelopen decennium kwam
er – in elk geval op papier - een einde aan de zeer gunstige
pensioenvoorwaarden voor ambtenaren. Een ambtenaar hoefde maar 37,5 jaar te
werken. Vanaf 2012 moeten ambtenaren 41 jaar actief zijn.
Voor sommige overheidswerkers
gold tot 2007 een nog gunstiger regeling Daardoor ligt de gemiddelde
pensioenleeftijd bij medewerkers van de spoorwegen op 52 jaar en bij de
elektriciteit- en gasmonopolist EDF/GDF op 55.
Het volledige artikel van
Olivier van Beemen in Parijs in: ELSEVIER, 15 mei 2010.

PORTUGAL: RIANTE
PENSIOENREGELING
Bezuinigen op loon
ambtenaren stuit op verzet van vakbonden.
Bij de centrale en lokale
overheden, berucht om hun taaie bureaucratie en inefficiëntie, werken 790.00
ambtenaren. De regering kondigde een stop aan op het aannemen van nieuwe
ambtenaren, bevroor de ambtenarensalarissen tot 2013 en zette het mes in de
voordelige pensioenregeling waar vervroegd uittredende ambtenaren gebruik van
konden maken. De pensioengerechtigde leeftijd van 60 jaar werd al eerder
verhoogd tot 62,5 jaar en moet in 2014 stijgen tot 65 jaar…
Nu is er woede bij het
ambtenarencorps. Als de regering wordt gedwongen tot nog scherpere maatregelen,
lijken botsingen onvermijdelijk.
Het volledige artikel van
Steven Adolf in Madrid: ELSEVIER, 15 mei 2010.

SPANJE: AMBTENAAR VOOR HET
LEVEN
Sinds begin crisis groeide
aantal overheidsdienaren met 200.000
Het Spaanse probleem ligt bij
de huizenhoge schuldenlast die is opgebouwd in het onroerend goed, de hoge
structurele werkloosheid en de chronisch lage arbeidsproductiviteit. De
pensioengerechtigde leeftijd wordt opgetrokken tot 67 jaar als het aan de
regering ligt.
Bezuinigen op ambtenaren is
niet simpel. In het sterk gedecentraliseerde Spanje zijn regionale en lokale
overheden uitgegroeid tot kleine koninkrijkjes, die meer dan de helft van het
staatsbudget spenderen.
Het volledige artikel van Steven
Adolf in Madrid in: ELSEVIER, 15 mei 2010.

AOW-LEEFTIJD
De verhoging van de
AOW-leeftijd naar 67 jaar is onethisch omdat het alleen de lagere inkomens
treft. Zij kunnen niet sparen voor vervroegd pensioen en bovendien sterven zij
eerder omdat zij vaker ongezond werk verrichten. Mensen met hogere inkomens
kunnen in de toekomst blijven sparen en stoppen met werken wanneer zij willen
en door hen ontstaat juist het probleem. Een eerlijke oplossing van de
vergrijzing is eenvoudig: Wie eerder wil stoppen, betaalt zolang standaard
minimaal 50 procent inkomensbelasting en 5 procent vermogensbelasting. Wie
langer doorwerkt dan 65 jaar betaalt 20 procent minder belasting. Wanneer de
AOW-leeftijd toch wordt verhoogd, moet dat onmiddellijk gebeuren waarbij reeds
opgebouwde rechten voor uitkeringen vanaf het 65ste jaar blijven
bestaan.
Willem van Kampen, Leeuwarden
in: denktank, Trouw, 15 mei 2010.

ITALIË: TWEE EXTRA MAAND
SALARISSEN
Werknemers overheid zijn
drie weken per jaar ziek of in staking.
Modernisering van de overheid
is hard nodig, het Italiaanse overheidsapparaat is berucht. Het heeft 3,6
miljoen werknemers, bijna 15 procent van de beroepsbevolking, en is traag,
inefficiënt en chaotisch.
De krant Republica maakte eens stiekem opnames bij een Napolitaans ziekenhuis. Wat bleek? Om 7.30
uur komen de ambtenaren binnenwandelen, ze klokken in en lopen dan meteen weer
het gebouw uit. Ze brengen kinderen naar school, gaan even ontbijten – allemaal
in de tijd van de baas. Maar Italiaanse ambtenaren vinden dat ze al hard genoeg
werken. Ze worden slechter betaald dan hun Europese collega’s. De salarissen
zijn afhankelijk van leeftijd en ervaring. Wel krijgen veel ambtenaren een
dertiende of veertiende maand of andere bonussen.
Het
volledige artikel van Linda Otter in Rome in: ELSEVIER, 15 mei 2010.

PENSIOEN IS EEN ONZEKER
BEZIT
Pensioenen moeten soberder
wegens crises en groeiende onzekerheid.
De Nederlandse vakbonden en
werkgevers zijn nog druk doende om de pensioenschade van de kredietcrisis van
2008 en 2009 te repareren, maar nieuw onweer trekt al weer op uit de mediterane
landen. Nederland is met zijn unieke en kolossale pensioenbesparingen kwetsbaar
voor onrust op de financiële markten, zoals afgelopen weken uitbrak bij de
schuldencrisis van Griekenland. Zet Europa in Nederland een nieuwe
pensioencrisis in gang?
“De wereld is op hol
geslagen. Afspraken over pensioenen maakten we altijd voor de komende tien of
twintig jaar. Dat gaat dus niet meer. We moeten het systeem weerbaar en
wendbaar maken zodat het met plotselinge turbulentie mee kan ademen. En ding
staat vast: pensioen is een onzeker bezit. Dat moeten mensen tussen de oren
krijgen”, aldus Gerard Verheij, scheidend ‘pensioenpaus’ van VNO-NCW.
Verheij ziet de oplossing
voor zich en verwijst naar de pensioennota uit 2008 van VNO-NCW: Naar een
modern en betaalbaar pensioen.
Versobering is onontkoombaar.
Minder solidariteit, minder collectiviteit, meer flexibiliteit. Een
rompregeling met niet te veel franje. Werknemers zullen bovenop het collectief
meer eigen verantwoordelijkheid moeten nemen. De tweederde bijdrage aan de
premies van de werkgevers moet naar 50 procent worden teruggebracht. Er zijn
zoveel externe factoren die invloed hebben op het pensioen en die bedrijven
niet kunnen beïnvloeden: de rente, de beurs, de inflatie, het lang-leven-risico
en de boekhoudregels.
Willen we ons pensioen
weerbaar maken voor turbulentie, dan moet alles bespreekbaar zijn. We kunnen
ons geen heilige huisjes meer permitteren”, aldus Gerard Verheij.
Het volledige artikel van
Menno Tamminga en Michèle de waard in: NRC Handelsblad, 18 mei 2010.

ZWITSERLEVENGEVOEL LANG
NIETALTIJD WENKEND PERSPECTIEF
Voor sommige mensen is
verhoging van de AOW-leeftijd een zegen. Dat moet ook een argument zijn in het
debat erover.
De verhoging van de
pensioengerechtigde leeftijd lijkt economisch onvermijdelijk. Mensen moeten
langer blijven werken en dat wordt over het algemeen beschouwd als onaangenaam.
Maar er zijn ook (veel?)
mensen die helemaal niet graag met pensioen gaan, die zoveel plezier beleven
aan hun werk, dat ermee stoppen een straf is. Dit doorgaans genegeerde idee
wordt ondersteund door recent onderzoek. Volgens een publicatie uit 2009 van
het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut zegt bijna 30 procent
van de talrijke onvrijwillig gepensioneerden dat het hen veel moeite heeft
gekost om te wennen aan een leven zonder werk; 25 procent geeft aan dat het
meer dan een jaar duurde voor ze daarmee hadden leren leven.
Uit de interviews komt het
verlies van het werkritme het meest naar voren. Daarnaast: het verlies van
status, het verlies van collega’s en het financieel er op achteruitgaan als men
met pensioen gaat.
Het volledige artikel van
Jaap Willems, emeritus hoogleraar wetenschapscommunicatie aan de VU en de
Universiteit Tilburg, in: Trouw, 18 mei 2010.

EERSTE HULP BIJ
PENSIOENOVERZICHT
Het bestaat: met een
expert praten over je pensioen zonder dat hij probeert iets te verkopen.
Ondanks alle pogingen om
pensioenen inzichtelijker te maken, staren veel werknemers met een lege blik
naar hun overzicht.
Gerry Dietvorst, hoogleraar
pensioenen aan de Universiteit van Tilburg organiseerde begin dit jaar de
eerste Pensioen EHBO (Eerste Hulp bij Ouderdom) in Tilburg. Mensen konden
langskomen met hun papieren en een uurtje praten met een pensioendeskundige. De
belangstelling was overweldigend. Er waren ruim 300 aanmeldingen, voor 88 plaatsen.
Veel bezoekers verlieten de
universiteit met een opgelucht gevoel. Enkele deelnemers moesten worden
doorgestuurd naar een specialist.
De bezoekers vonden het ook
prettig dat de pensioenexperts niets probeerden te verkopen.
Dietvorst verwacht dat het
krijgen van pensioeninzicht volgend jaar eenvoudiger wordt. Dan wordt het
Nationaal Pensioenregister ingevoerd. Als pensioenfondsen en verzekeraars hun
gegevens tijdig aanleveren, kan iedereen via internet opzoeken hoeveel pensioen
hij kan verwachten.
Het volledige artikel van
Frank van Alphen in: de Volkskrant, 19 mei 2010.

OUDERE NEEMT
400-EUROBAANTJE
In Duitsland leidt de
verhoging van de pensioenleeftijd naar 67 tot meer arme ouderen.
‘De arbeidsmarkt is in
Duitsland meer verstoord dan in andere landen’, zegt Ursela Engelen-Kefer,
voormalig vice-voorzitter van de Duitse vakbondfederatie. Ouderen nemen
zogeheten 400-eurobanen in de horeca en bij winkels. Tot dat bedrag hoeft de
werkgever geen sociale lasten af te dragen. Daarnaast ontvagen ze een uitkering
van ongeveer 250 euro.
Wie op zijn 60ste
stopt, ontvangt een kwart minder als de pensioenleeftijd 67 jaar is. Deze
korting komt hard aan, omdat het staatspensioen al flink is verslechterd. Dit
is tussen 1996 en 2005 met 10 procent gedaald. In Duitsland is de AOW
belangrijker dan in Nederland omdat er minder aanvullende pensioenen worden
opgebouwd.
Engelen-Kefer ziet tal van
manieren langer werken aantrekkelijker te maken. Zij verwacht ook veel van het
deeltijdpensioen. Die regeling moet worden aangepast aan de wensen van de
ouderen.
Het volledige artikel van
Frank van Alphen in: de Volkskrant. 20 mei 2010.

EUROPA, HELP ONS DAN AAN
PENSIOEN OP 65STE
Grieken gaan al rond hun 50
ste jaar met pensioen en ontduiken massaal de belasting. Een hoge politiefunctionaris
kan zelfs al met 45 jaar van zijn pensioen genieten. Nu mogen wij 6 miljard
euro aan de Grieken geven om hun mediterrane problemen op te lossen. Dat geld
komt uit zo’n Luilekkerland nooit meer terug. Dus zijn wij de pineut, mogen
wij langer werken en meer belasting betalen. Portugal en Spanje volgen nog.
Wanneer komt Europa de Nederlanders te hulp zodat wij met ons 65ste met pensioen mogen gaan?
Alex Gerlofsma, Maassluis in
Brieven, AD Utrechts Nieuwsblad, 22 mei 2010.

COHEN STICHT VERWARRING
OVER AOW
Verwarring over zijn
AOW-plannen kwam PvdA-lijsttrekker Job Cohen dinsdag op felle kritiek te staan.
De sociaal-democraten willen de AOW-leeftijd pas verhogen in 2020, maar aan het
Centraal Planbureau had de partij gemeld dat de maatregel per 2015 zou ingaan.
Dat scheelt 1 miljard euro in de PvdA-bezuinigingen.
Het volledige artikel van
Bart Dirks en Jan Hoedeman in: de Volkskrant, 26 mei 2010.

ACTIES FRANSEN VOOR BEHOUD
PENSIOENLEEFTIJD
Vandaag wordt mogelijk de
laatste slag om de pensioenen geleverd. De herziening van het pensioenstelsel
omvat een heel pakket aan maatregelen, dat na de zomer in het parlement moet
worden besproken. Maar de strijd spitst zich toe op één aspect: houdt de
Fransman het recht op zijn 60ste met pensioen te gaan?
Overal in Europa worden
plannen gemaakt om de pensioenleeftijd te verleggen naar 67 of 68 jaar. We
zullen wel moeten, is de redenering in andere landen. En omdat we gezond oud
worden, kan het ook. Daar denkt de Fransman anders over.
Het volledige artikel van Ariejan
Korteweg in: de Volkskrant, 27 mei 2010.

SOCIALE PARTNERS: AOW IN
2020 NAAR 66
Werkgevers en werknemers
staan erop dat nieuw kabinet pensioenakkoord overneemt.
De AOW en de pensioenleeftijd
gaan in 2020 omhoog naar 66 jaar en ze wordt gekoppeld aan de
levensverwachting. De hoogte van de AOW-uitkering wordt welvaartsvast en de
hoogte van de pensioenen wordt afhankelijk van het bestaande
beleggingsresultaat. Dit zijn de belangrijkste punten van het pensioenakkoord,
waarover werkgevers en werknemers dit weekeinde overeenstemming hebben bereikt.
Als de AOW-leeftijd 66 jaar
wordt, stijgt de pensioenleeftijd mee. Dat betekent een enorme besparing voor
de pensioenfondsen.
Volgens een betrokkene
leveren deze plannen de door het huidige kabinet gewenste besparing van 4
miljard euro op.
Het volledige artikel van
Gijs Herderscheê en Elsbeth Stoker in: de Volkskrant, 27 mei 2010.

AKKOORD OVER LANGER
DOORWERKEN BINNEN BEREIK
Vertegenwoordigers van
werkgevers en werknemers zijn “optimistisch” over de kansen om samen een
akkoord te bereiken over flexibele verhoging van de AOW-en pensioenleeftijd.
Kern van het akkoord is invoering van een flexibele AOW- en pensioenleeftijd,
die in twintig jaar geleidelijk kan oplopen tot 67 of 68 jaar, en wordt
gekoppeld aan de levensverwachting.
Het volledige artikel in: NRC
Handelsblad, 27 mei 2010.

PENSIOENFONDSEN KRIJGEN
HARDE KLAP DOOR DE EUROCRISIS.
De crisis rond de euro
heeft ook de Nederlandse pensioenfondsen hard geraakt. De grote fondsen ABP en
Zorg & Welzijn dreigen deze maand onder de 100 procent dekkingsgraad te
zakken.
De pensioenproblemen komen
door de hard dalende koersen op de aandelenmarkten van de afgelopen maand en de
tegelijk dalende rente op staatsleningen. De recente koersdalingen zullen niet
leiden tot nieuwe premieverhogingen of indexatiestops. Of er extra maatregelen
komen, hangt af van het slagen van het herstelplan.
Het volledige artikel van
Maarten van Wijk in: AD Utrechts Nieuwsblad, 27 mei 2010.

‘POLDER’ WIL ZELF
INGRIJPEN IN PENSIOENEN
Akkoord over pensioenleeftijd
lijkt nabij. Bonden zetten zwaar in op flexibiliteit.
Werkgevers en vakbonden
zetten alles op alles om rond de verkiezingen op 9 juni een akkoord te bereiken
over de verhoging van de pensioenleeftijd en in het kielzog daarvan de
AOW-leeftijd. Ze willen de politiek daarmee een stap voor zijn voordat die
ingrijpt in het pensioenstelsel.
Er staat veel op het spel
voor de sociale partners, ook hun imago en mogelijkheden om in maatschappelijke
kwesties een belangrijke rol op te eisen. Het is onderhandelen op kousenvoeten:
niemand wil iets moois in de knop breken.
Het volledige artikel van
Wilma van Meteren in: Trouw, 28 mei 2010.

POLITICI HEBBEN EIGEN
OPLOSSING VOOR PENSIOENEN
Niet alle politieke
partijen onthalen het nakend akkoord tussen de sociale partners over AOW en
aanvullend pensioenen met enthousiasme. Wel zeiden ze gisteren allemaal blij te
zijn dat de werkgevers en werknemers het weer eens lijken te worden.
GroenLinks-leider Halsema
denkt zelfs dat de tijd al rijp is om er een politieke vertaling aan te geven.
Halsema kon op de welwillendheid rekenen bij D66 en PvdA.
VVD en ChristenUnie
reageerden afhoudend. Volgens Pechtold moet de verhoging van de
pensioenleeftijd worden ingezet en geleidelijk gaan. Rutte betwijfelt of het
genoeg oplevert. Ook de andere partijen, op de SP en de PVV na, zijn bereid
over het voorstel in debat te gaan.
Het volledige artikel in:
Trouw, 28 mei 2010.

POLITIEK OMARMT AKKOORD
OVER PENSIOEN EN AOW
De politieke partijen
reageren positief op het conceptakkoord over pensioenen van de vakbeweging en
werkgevers.
Op SP en PVV na stellen alle
politieke partijen verhoging van de pensioenleeftijd voor. Alle partijen kiezen
een eigen variant. Bij het CDA wordt 66 jaar de pensioenleeftijd in 2015, bij
VVD en D66 in 2016 en bij de PvdA in 2020. De sociale partners kiezen voor 66
jaar in 2020.
PvdA-leider Job Cohen vindt
dat geleidelijkheid nodig is om ouderen te ontzien die vlak voor hun pensioen
zitten. Maxime Verhagen (CDA) wil ‘draagvlak’ als het om gevoelige onderwerpen
gaat. D66-lijsttrekker Alexander Pechtold vreest dat door een pensioenakkoord
van werkgevers en vakbonden een hogere AOW-leeftijd te laat wordt doorgevoerd.
SP-leider Emile Roemer noemt het conceptakkoord ‘een nog slechter voorstel’ dan
het plan van het gevallen kabinet. Stef Blok, VVD-Kamerlid staat niet meteen te
applaudisseren. Femke Halsema van GroenLinks vindt het nakende akkoord een
‘stap vooruit’.
Het volledige artikel van
Gijs Herderscheê in: Trouw, 28 mei 2010.

HOE DE FNV TERUGKEERDE IN
DE POLDER
Sociale partners slagen
waar het kabinet faalde
Hoewel de deskundigen in de
nadagen van dit AOW-drama dachten dat het polderoverleg de komende jaren in de
ijskast zou verdwijnen, schoven de sociale partners dit voorjaar alweer
voorzichtig bij elkaar aan tafel. Hoewel de werkgevers en FNV nu op grote
lijnen overeenstemming hebben bereikt, is het pensioenakkoord nog geen gelopen
race.
Het volledige artikel van
Gijs Herderscheê en Elsbeth Stoker in: de Volkskrant, 28 mei 2010.

STOPPEN OP 65STE BLIJFT MOGELIJK
Het pensioenakkoord is
nabij. In grote lijnen zijn de sociale partners het eens over de verhoging van
de pensioenleeftijd.
Wat zijn de gevolgen voor
werknemers? Moeten werknemers langer doorwerken, of hebben ze een keuze?
Waarom is dit akkoord belangrijk? Wat is het verschil met het kabinetsplan?
Helpt dit akkoord pensioenfondsen de wereld door?
Het volledige artikel van
Frank van Alphen en Elsbeth Stoker in: de Volkskrant, 28 mei 2010.

PENSIOEN MET 60 JAAR
ONHOUDBAAR
Protest tegen
pensioenhervormingen voor Franse begrippen beperkt. Franse vakbonden
demonstreerden gisteren tegen verhoging van de pensioenleeftijd. Maar
president Sarkozy ziet de relatief geringe opkomst als een steun in de rug.
Nog geen half miljoen
demonstranten, terwijl de regering toch duidelijk heeft gezegd dat de
pensioengerechtigde leeftijd echt omhoog moet. Volgens de
regeringswoordvoerder Luc Chatel betekent de “lage opkomst” dat de regering de
goede aanpak kiest voor wat de grootste hervorming moet worden van het kabinet
Sarkozy I. De regering hoopt dat de Fransen na de Griekse lente beseffen dat
hervormingen onvermijdelijk zijn. De staatsschuld, nu 83 procent van het bruto
binnenlandsproduct, vliegt de komende jaren omhoog, zonder hervormingen. Het
pensioenstelsel is cruciaal, temeer daar Frankrijk een omslagstelsel heeft,
waarbij de belastingbetalers pensioenen direct betalen, zonder collectieve
vermogensopbouw via pensioenfondsen
Het volledige artikel van
René Moerland in: NRC Handelsblad, 28 mei 2010.

EERDER STOPPEN MET WERKEN
BLIJFT STRAKS MOGELIJK
Werkenden kunnen in de
toekomst op hun 65ste stoppen met werken, ook als de AOW- en
pensioenleeftijd zijn verhoogd. Wie eerder wil stoppen met werken, krijgt wel
6,5 procent minder AOW.
De strafkorting op de AOW
voor wie eerder stopt met werken, zou moeten worden gecompenseerd door het feit
dat de AOW welvaartsvast wordt. Nu stijgt de AOW in principe alleen mee met de
cao-lonen, waarbij periodieken en bonussen niet meetellen.
Nu hopen de sociale partners
dat een nieuw kabinet niet om hun pensioenakkoord heen kan. De overeenstemming
die ze bijna hebben bereikt, staat volgens hen voor maatschappelijk draagvlak
en geeft rust op de arbeidsmarkt.
Adjuct-topman Aart de Geus
van de OESO, de organisatie van 31 landen die samenwerkt op het gebied van
economie, vreest dat Nederland de AOW-leeftijd te laat verhoogt. “Wat dreigt is
dat we alleen maatregelen nemen voor een volgende generatie en die pas na de
komende kabinetsperiode tot effect komen.”Een snelle verhoging is volgens De
Geus nodig om de kosten van de vergrijzing in de hand te houden.
Het volledige artikel van
Miranda Megens en Peet Vogels in: AD Utrechts Nieuwsblad, 28 mei 2010.

FRANSEN PROTESTEREN TEGEN
HERVORMING PENSIOENEN
De Fransen gingen gisteren
de straat op uit protest tegen de aanstaande hervormingen van het
pensioenstelsel. De regering Sarkozy zegt geen keuze te hebben.
De Franse regering zit in
zijn maag met het oplopende begrotingstekort en de schuldenlast van het land,
die tot de hoogste in Europa horen. De schuld is 77 procent van het bbp, wat
slechter is dan die van het ‘probleemland’ Portugal. Parijs zit op hetzelfde
niveau als Roemenië en Polen. De enorme pensioentekorten hebben een
aanzienlijke bijdrage geleverd aan die financiële situatie.
Het volledige artikel van
Frank Renout in: AD Utrechts Nieuwsblad, 28 mei 2010.

POLDER HERLEEFT
Het sociale akkoord van
werkgevers en vakbonden over de AOW en de pensioenen verdient bijval. Kern is
dat het een stap in de goede richting is in een al jaren slepende kwestie, het
aanpassen van de arbeidsmarkt aan de vergrijzing.
Hopelijk wordt de hobbel
genomen. Want het principe-akkoord biedt diverse voordelen. Verstandig is ook
dat er geen aparte regeling komt voor zware beroepen, aangezien dat tot
eindeloos gebakkelei over de definitie van ‘zwaar’ zou hebben geleid.
Ook legt het akkoord een
basis voor een toekomstig kabinet. Welke partijen ook tot een coalitie komen,
zij zullen hoe dan ook ernstig rekening moeten houden met dit akkoord. Ook als
het hun niet bevalt.
Natuurlijk zijn er
kanttekeningen te plaatsen. Wat in het akkoord met name ontbreekt, is zicht op
oplossing van een nijpend probleem: hoe kunnen werknemers worden gestimuleerd
om ouderen daadwerkelijk langer door te laten werken?
Het volledige artikel in
‘Commentaar’, de Volkskrant, 28 mei 2010.

PRINCIPEAKKOORD SOCIALE
PARTNERS AOW EN PENSIOEN
Werkgevers en vakbonden
zijn het in principe eens geworden over een flexibele verhoging van de AOW- en
pensioenleeftijd, die de komende dertig jaar kan oplopen van 65 tot boven de 68
jaar. De huidige 55-plusser wordt ontzien en kan met 65 jaar met pensioen.
In het voorstel dat momenteel
op tafel ligt wordt de AOW- en pensioenleeftijd gekoppeld aan de
levensverwachting. Die wordt elke vijf jaar bijgesteld. Ook doen de sociale partners
pensioenfondsen de suggestie om gepensioneerden hiervoor een bijdrage te
vragen. Ouderenbonden verzetten zich hier hevig tegen.
Daarnaast willen werkgevers
en bonden dat de AOW wordt gekoppeld aan de verdiende lonen (inclusief
bonussen, periodieken) in plaats van aan de huidige contractlonen. Dat leidt
de komende tien jaar tot een hogere uitkering.
Het volledige artikel van
Michèle de Waard in: NRC Handelsblad 30 mei 2010.

ONS PENSIOENSTELSEL WORDT
UITGEKLEED
Pensioenakkoord gefikst?
Ik dacht van niet. De Vooruitzichten zijn grimmig en de vakbonden staan erbij
en kijken ernaar. Parlement , neem uw verantwoordelijkheid.
Na lang delibereren zijn
werkgevers en werknemers erin geslaagd een pensioen akkoord te formuleren. Het
is natuurlijk altijd goed wanneer er consensus gloort, maar toch kunnen ook een
paar prangende vragen gesteld worden.
De pijn wordt veel minder
wanneer de aanpassing van de AOW-leeftijd gaat in stapjes van een of twee
maanden. Dat is ook wat men in veel andere landen doet of van plan is te doen.
Waarom dat in Nederland uitvoeringstechnisch zoveel moeilijker zou zijn dan in
andere landen, valt niet in te zien. Ook verhoging van de leeftijd van
aanvullend pensioen is hoogst welkom, want onze pensioenreserves zijn te laag.
Een jaar langer premie betalen en een jaar korter pensioen krijgen, scheelt wel
een slok op een borrel voor het pensioenfonds.
Wanneer de pensioenpremies
ook stijgen met de reële lonen is er natuurlijk weinig reden om de pensioenen
niet te indexeren. Het is helemaal niet duidelijk waarom de pensioenpercentages
niet zouden kunnen stijgen als dat nodig wordt gevonden. Dat lijkt ook niet
onlogisch als we nog niet zo lang geleden 14 jaar van ons pensioen genoten en
we in 2045 wel 22 jaar doorleven na onze 65ste.
De riskante toekomst van ons
huidige pensioensysteem is op zijn minst grimmig. Een blijvende lage rente, een
zeer bescheiden groei en een permanente inflatie van circa 2 procent en de
perikelen rond de euro noodzaken tot een forse premieverhoging.
De vraag is natuurlijk wel of
de vakbonden de beroepsbevolking ook vertegenwoordigen. Slechts 1 op de 5
werkers is lid en bij jongeren is de organisatiegraad slechts 8 procent. De
pretentie dat de vakbonden de belangen van de gepensioneerden
vertegenwoordigen, wordt niet gedeeld door de meeste verenigingen van
gepensioneerden, die hartstochtelijk eisen dat zij zelf mogen meepraten.
Kortom, het is een
onrepresentatief akkoord, dat niet in het belang is van werknemers en
gepensioneerden. Parlement, hier ligt een taak.
Het volledige artikel van
Bernard van Praag, emeritus hoogleraar UvA in: de Volkskrant, 31 mei 2010.

SNEER NIET OP WERK, MAAK
HET AANTREKKELIJKER
Dat Zwitserleven het dolce
far niente bejubelt kan ik helemaal volgen. Zij verkopen het
Zwitserlevensgevoel om vooral meer levensverzekeringen te verkopen.
Het is te val voor woorden om
te denken dat het grote genieten begint met je pensionering.
Het wordt wat lastig als
serieuze arbeiderspartijen als de FNV en de SP vol meegaan in het in diskrediet
brengen van werk en arbeid. 65 = 65 is de slogan. Het onbespreekbaar verklaren
van werken tot 67 jaar.
Het steeds ouder worden en
gezond blijven maakt de mogelijkheid van langer werken, tot na 65 jaar,
gemakkelijker; en daarmee ook de financiering van de AOW.
De SP maakt het voor de
verkiezingen van 9 juni 2010 nog bonter door een programma aan te bieden dat
geen steek doet aan de toename van de werkgelegenheid. Alsof inkomen uit het
niets ontstaat. Alsof koopkrachtbehoud werk schept. Alsof werkgelegenheid er
niet toe doet.
SP en FNV, zet in op het
aantrekkelijk maken van arbeid, bemoei je met de verbetering van
arbeidsvoorwaarden, de arbeidsomstandigheden. Maak de tegenhanger van het
Zwitserlevensgevoel en veeg de vloer aan met dat valse plaatje. Durf te zeggen
dat werken cool is, want dat is het. 65 = 67.
Het volledige artikel van
Arie Bijl, Econoom. In De Volkskrant, 31 mei 2010.

FNV KRIJGT FIAT VOOR
AANPAK AOW
De onderhandelingen tussen
werkgevers en vakcentrale FNV over een verhoging van de pensioenleeftijd mogen
worden voortgezet.
Dat hebben de FNV-bonden
maandag besloten tijdens een bijeenkomst van de federatieraad. Het
principeakkoord is echter nog niet definitief, aangezien de achterban nog moet
instemmen. Een deel van de leden is mordicus tegen.
Het volledige artikel in: de
Volkskrant, 1 juni 2010.

PENSIOENSTELSEL AAN
VERBOUWING TOE
Om werkgevers betrokken te
houden bij het pensioenstelsel moet de opbouw van het pensioen gescheiden
worden van de uitkeringsfase.
Mede door de vergrijzing
groeien pensioenverplichtingen ten opzichte van de kernactiviteiten van
ondernemingen. Bedrijven zijn daarom niet meer de juiste instituties om
pensioenverplichtingen te verzekeren. Philips wil geen verzekeraar worden.
Daarbij komt dat de groeiende
groep ouderen meer zeggenschap opeist binnen de pensioenfondsen.
Daarom zou het goed zijn als
de opbouwfase wordt gescheiden van de uitkeringsfase van pensioenen. In de
uitkeringsfase is het verzekeringsperspectief en het daarbij horende
solvabiliteitstoezicht dominant.
In het hervormde pensioenstelsel
zijn de werknemers tijdens de opbouwfase eigenaars van de pensioengelden en
daarmee ook de risicodragers, en nadrukkelijk niet de werkgevers.
Door het afsplitsen van
gepensioneerden doen de sociale partners een stap terug in de
pensioenvoorziening. Maar ze krijgen er extra verantwoordelijk voor terug bij
het ontwikkelen, onderhouden en benutten van menselijk kapitaal. Zo krijgen
sociale partners meer belang bij verlengen van het arbeidzame leven en komt een
einde aan de sluipende verlenging van de uitkeringsfase door stijgende
levensverwachting. Zo houden we pensioenen en zorg op peil.
Het volledige artikel van
Lans Bovenberg, hoogleraar algemene economie in Tilburg, in NRC Handelsblad 1
juni 2010.

VOORAL DERTIGERS
PROFITEREN VAN OVERHEID
CPB onderzocht voor het
eerst hoe voorzieningen per generatie uitpakken. Niet de babyboomers maar de
huidige dertigers profiteren gemiddeld het meest van de overheid.
Dat concluderen onderzoekers
van het Centraal Planbureau (CPB) in hun jongste studie naar de vergrijzing. De
onderzoekers komen tot deze conclusie door het verschil te meten dat burgers
aan baten (in de vorm van overheidsvoorzieningen) en lasten (belastingen en
premies) ondervinden door het optreden van de overheid. De generatie die
geboren is tussen 1975 en 1985 profiteert daar het meest van. Zij kunnen
gedurende hun leven rekenen op een zogeheten netto profijt van 2000 euro per
jaar.
Overigens geldt voor alle
generaties die na 1950 geboren zijn dat zij per saldo meer van de overheid
ontvangen dan dat zij betalen. Dat is onder andere te danken aan de
aardgasbaten die de overheid in staat heeft gesteld meer voorzieningen
beschikbaar te stellen, zonder daarvoor de belastingen te hoeven verhogen.
Daarnaast vermoeden de
onderzoekers dat de generaties die geboren zijn voor 1946 (waarvoor geen
cijfers beschikbaar zijn) een negatief netto profijt hebben gehad. Zij hebben
in de jaren vijftig en zestig de grote na-oorlogse staatsschuld afgelost, en de
sterke stijging van uitgaven aan onderwijs en infrastructuur opgebracht.
Het volledige artikel van Jan
Kleinnijenhuis in: Trouw, 2 juni 2010.

TRAAG BELEID SPAART
BABYBOOMER
Geleidelijke besparingen
waarbij de AOW-leeftijd langzaam wordt verhoogd (vanaf 2015) leggen de rekening
vooral bij jongere en toekomstige generaties. De babyboomers worden in dat
geval ontzien. Veertigers en vijftigers worden het zwaarst getroffen.
Dat concludeert het Centraal
Planbureau (CPB) in een nieuwe studie over de veroudering van de bevolking Vergrijzing
verdeeld. De vergrijzing legt volgens het CPB een flinke claim op de
overheidsfinanciën door de stijgende zorg- en pensioenkosten. De zorgkosten van
10 naar bijna 14 procent van het bbp in 2060; de uitgaven voor de AOW stijgen
van krap 5 procent naar 8,5 procent in 2040.
Direct bezuinigen of
verhoging van de belastingen voorkomt dat de staatsschuld verder oploopt en de
lasten naar de toekomst worden doorgeschoven. Geleidelijke besparingen, zoals
verhoging van de pensioenleeftijd of afschaffing van hypotheekrenteaftrek,
ontzien huidige ouderen en leggen de lasten bij jongere en toekomstige
generaties.
Het volledige artikel van
Michèle de Waard in: NRC Handelsblad, 2 juni 2010.

OUDEREN DE DUPE VAN HET
VERGRIJZINGSSPOOK
Drammerigheid over de
vergrijzing leidt de aandacht van de moeilijke situatie van ouderen af.
Bijna iedere dag verschijnt
er in de kranten een kop over de vergrijzing, over pensioenen die versoberd
zouden moeten worden. Bijna alle politieke partijen maken het tot een thema,
zodat er een groot koor is ontstaan waarin men elkaar napraat.
Er zijn meer dan een half
miljoen ouderen die AOW plus een klein pensioentje ontvangen dat net boven de
armoedegrens ligt. Van hen zijn 260.000 alleenstaande vrouwen, een zeer
kwetsbare groep. Vergelijken we met 40 tot 50-jarigen dan blijken er bij
ouderen veel meer mensen met een laag inkomen te zijn. De financiële situatie
van ouderen is dus verre van rooskleurig. Behalve ouderen bevinden zich ook
onder bijstandsmoeders en chronische zieken zeer veel lager inkomens. Er is dus
een grote discrepantie tussen rijk en arm.
Een andere vraag is of het in
de toekomst beter zal worden. Want de pensioenen blijven ver achter. Sommige
berekeningen voorzien na een tiental jaren een daling van meer dan 15 procent.
Vele fondsen houden de inflatie namelijk niet bij. Dat is bitter voor de vele
mensen die een leven lang premie hebben betaald.
Hoewel er steeds meer mensen
komen die een pensioen hebben opgebouwd komen er in de komende generaties veel
meer gescheiden mensen voor. Over de hoogte van hun pensioen, die volgens het
middelloon wordt berekend, kan men niet optimistisch zijn. Bovendien hebben
correcties voor de inflatie juist voor de laagste inkomens een zeer beperkt
effect. Voorts zal door de vergrijzing het aantal mensen toenemen dat alleen
komt te staan. Maar het weduwenpensioen is inmiddels sterk verslechterd.
Armoede raakt, ouderen
meegerekend, meer dan een miljoen mensen. De politiek moet naar solidariteit
zoeken om dit probleem aan te pakken.
Het volledige artikel van
Geert Braam, em. hoogleraar sociologie aan de universiteit Twente, in:Trouw, 3
juni 2010.

AOW-AKKOORD BONDEN EN
WERKGEVERS
Na fiasco in september nu
wel succes. Politiek kan niet om afspraken heen.
De pensioenleeftijd gaat
omhoog, in eerste instantie naar 66 jaar in 2020. Maar eerder stoppen –
bijvoorbeeld in zware beroepen - blijft mogelijk. Werkgevers en vakbonden
hebben daarover een akkoord bereikt, waaronder zij vandaag hun handtekening
zetten.
De oplossing vonden de de
sociale partners onder meer in een koppeling met de levensverwachting. In
principe moeten pensioenuitkeringen – en in het verlengde daarvan de AOW –
‘welvaartsvast’ worden. Ze stijgen mee met de verdiende lonen, inclusief
bonussen en eenmalige uitkeringen
Elke vijf jaar, te beginnen
in 2015, houden de sociale partners de afspraken onder de loep en bekijken ze
of de pensioenleeftijd verder moet stijgen naar 67 jaar in 2025.
Het volledige artikel van
Wilma van Meteren in: Trouw, 4 juni 2010.

SOCIALE PARTNERS KRIJGEN
HERKANSING MET AOW
Politiek nu meer geneigd
om over bezwaren heen te stappen.
Door de voortijdige val van
het kabinet is er nog geen wet door de Tweede Kamer en konden de sociale
partners in de herkansing.
Een groot voordeel voor de
sociale partners is dat ze het akkoord rond hebben voordat de formateur aan de
hand van de verkiezingsuitslag met partijen gaat praten over een
coalitieakkoord. Daarbij willen ze al volgend jaar een eerste slag maken met
het aanpassen van de pensioencontracten.
Voor de SP, die 65=65 tot
levensmotto lijkt te hebben verheven, is de belangrijkste reden voor tegenstand
dat ouderen onder 65 nog zo moeilijk aan werk komen. Wellicht zal het plan van
de sociale partners, waarin staat dat werkgevers zich voor deze ouderen meer in
moeten zetten, zelfs de SP over de streep worden getrokken.
Het volledige artikel van
Karen Zandbergen in: Trouw, 4 juni 2010.

DOOFPOT PHILIPS IN ZAAK
PENSIOENFRAUDE
Het elektronicaconcern
Philips houdt via een handige juridische constructie een intern onderzoek naar
grootschalige fraude bij het eigen pensioenfonds achter.
Het fraudeonderzoek, dat
loopt sinds eind 2007, wordt niet uitgevoerd door het concern zelf, maar door
het advocatenkantoor De Brauw Blackstone Westbroek. Als gevolg hiervan valt het
volledige onderzoek onder het beroepsgeheim van de advocaten, en is het niet
toegankelijk voor fraudeverdachten of voor justitie.
Twee oud-directeuren van de
vastgoedtak van het pensioenfonds worden ervan verdacht te zijn omgekocht.
Tegenover de rechter-commissaris heeft recentelijk de directeur van het Philips
Pensioenfonds Jasper Kemme uiteengezet dat er sinds november 2007 een speciaal
comité waakt over de vertrouwelijkheid van de interne onderzoeken bij het
pensioenfonds.
Het comité bestaat uit een
advocaat van De Brauw, de belangrijkste jurist van Philips zelf, twee
bestuursleden van het pensioenfonds en een vertegenwoordiger van de
pensioengerechtigden. Kemme verklaarde dat hij niets over dit comité noch over
de onderzoeken zelf mocht vertellen, aangezien die vielen onder het
beroepsgeheim van De Brauw. Ook zei hij zich nauwelijks iets te herinneren van
vier eerdere integriteitsonderzoeken en klokkenluidersmeldingen met betrekking
tot de vastgoedtak van het pensioenfonds.
Het volledige artikel van
Merijn Rengers en John Schoorl in: de Volkskrant, 4 juni 2010.

SOCIALE PARTNERS PAKKEN
INITIATIEF
Werkgevers en werknemers
presenteren vandaag hun AOW-akkoord. De politieke partijen kunnen daar straks
moeilijk omheen, ook al komen er nog verkiezingen.
Werkgevers en werknemers zijn
gezwicht voor het onvermijdelijke. Ruim acht maanden na de mislukking van het
AOW-overleg in de Sociaal Economische Raad zouden FNV-voorzitter Agnes
Jongerius en VNO-NCW-voorman Bernhard Wientjes vanmiddag een akkoord
ondertekenen over de stapsgewijze verhoging van de pensioenleeftijd, eerst naar
66 en later, in 2025, naar 67 jaar.
Jongerius en Wientjes willen
voorkomen dat zij na de verkiezingen van 9 juni door een nieuwe coalitie voor
onaangename verrassingen komen te staan. Na maandenlange geheime
onderhandelingen zijn de sociale partners er nu in geslaagd een akkoord op
tafel te leggen waar de politiek niet omheen kan. Wel gaan werkgevers en bonden
door de koppeling aan de levensverwachting veel verder dan menig politieke
partij. Daardoor lopen de pensioenkosten niet hoger op dan het niveau van de
afgelopen jaren. Omdat elke vijf jaar opnieuw de stijging van de
levensverwachting wordt bekeken, kan de leeftijd ook oplopen tot 68 jaar.
Het akkoord dat vanmiddag zou
worden ondertekend door de sociale partners is een zogeheten
onderhandelaarsakkoord. De vakbondbesturen leggen het vervolgens met een
positief advies voor aan hun achterban. De besturen van de aangesloten bonden
zijn het in ieder geval eens met de FNV-top.
Het volledige artikel van
Patricia Veldhuis en Michèle de Waard in NRC Handelsblad, 4 juni 2010

LANGER WERKEN GEEN TABOE
MEER VOOR PARTIJEN
Wat zijn de gevolgen van
de verkiezingprogramma’s voor verschillende groepen? Debat gaat vooral over de
vraag hoe arbeidsmarkt voor 55-plussers beter kan werken.
440 bedrijven hebben de
afgelopen jaren mee gedaan met een door TNO ontwikkeld project om
leeftijdbewust beleid te voeren. Doel: oudere werknemers langer gemotiveerd aan
het werk te houden en jonge vakmensen opleiden. Door de verdubbeling van het
aantal 65-plussers verlaten velen de arbeidsmarkt. Dat wordt niet gecompenseerd
door jongeren, omdat er minder baby’s worden geboren. In de toekomst leidt dat
tot een krimp van de beroepsbevolking met een miljoen mensen waardoor er grote
tekorten ontstaan aan personeel in het onderwijs, de zorg en aan vakkrachten in
de maakindustrie.
Inmiddels is het afgelopen
jaar de maatschappelijke consensus over langer doorwerken dusdanig toegenomen,
dat het optrekken van de AOW-leeftijd in de verkiezingscampagne zelfs
nauwelijks een rol speelt. Wel de manier waarop dat gaat gebeuren.
Leeftijdsbewust beleid leidt
tot langer doorwerken. Vrijwel alle bedrijven gaan na afloop van de proef door
met dit beleid. Ook zonder subsidie. Alleen al het ziekteverzuim is in een
aantal ondernemingen opvallend teruggelopen, omdat mensen een andere functie
hebben gekregen en met meer plezier werken. Over de maatregelen die genomen
moeten worden om ervoor te zorgen dat ouderen aan het werk kunnen blijven, zal
dan ook nog een stevig gevecht gevoerd moeten worden.
Het volledige artikel van
Patricia Veldhuis en Michèle de Waard in: NRC Handelsblad, 4 juni 2010.

VERDEELDE VERGRIJZING
Ook nu haar oude dag
nadert, blijft de naoorlogse generatie van babyboomers haar stempel drukken op
de samenleving. Door zijn omvang heeft deze leeftijdsgroep de afgelopen
decennia grote invloed gehad op de ontwikkeling van de maatschappij, die de
levensfasen van de babyboomers vaak weerspiegelde.
Even troebel als de
demografische omschrijving van babyboomers is de discussie over de positie van
deze bevolkingsgroep bij de verdeling van sociaal-economische lusten en lasten.
Het CPB stelt daar tegenover
dat de babyboomers niet degenen zijn die het meest profiteren van de
verzorgingsstaat. Dat is de huidige generatie van dertigers.
De verwarring maakt het lastig
om conclusies te trekken over de rechtvaardigheid van de verschillende plannen
om de oude dag in Nederland betaalbaar te houden. Het staat vast dat het
vergrijzingsprobleem nijpend is. De overeenkomst die tussen de sociale partners
op komst is om de AOW-leeftijd pas vanaf 2020 te verhogen, ontziet de
babyboomers. Of dat al dan niet onrechtvaardig is voor de volgende generaties,
blijft onderwerp van discussie. Belangrijker is dat een maatregel in deze vorm
het oplossen van het probleem hoe dan ook uitstelt. Beter zou het zijn om in de
komende kabinetsperiode meteen te beginnen met het verhogen van de
AOW-leeftijd. Daar is de stijgende last van de vergrijzing acuut genoeg voor.
Het volledige artikel in: NRC
Handelsblad, 4 juni 2010.

AKKOORD OVER AOW EN PENSIOENEN
GETUIGT VAN GEZOND REALISME
Mooi dat de bonden en de
werkgevers, na hun vijandige strijd vorig najaar, het eens zijn over de
pensioenleeftijd. En het beste nieuws is dat hun akkoord er mag wezen. Groot
winstpunt is wel dat er nu een akkoord ligt – niet alleen over de AOW-leeftijd,
maar voor het hele pensioenstelsel.
Bonden en werkgevers
verdienen bovendien een pluim voor hun afspraken over lagere pensioenleeftijden
voor specifieke groepen. Ze scheppen nu voor de aanvullende pensioenen de
mogelijkheid om per bedrijf of bedrijfstak af te wijken van de zogenaamde
spilleeftijd. Uitgangspunt is hierbij de levensverwachting, die per vak,
inkomens- en opleidingsniveau flink kan verschillen.
Bonden en werkgevers mikken
op een ‘welvaartsvaste’ AOW. Voor de aanvullende pensioenen willen ze af van de
snelle premiestijgingen van de afgelopen jaren. Ook moet blijken of de in het
akkoord genoemde mogelijkheid voor pensioenspaarders om zelf keuzen te maken,
uitvoerbaar en wenselijk is. Verder volgens nog afspraken over hoe je ouderen
aan het werk houdt.
Het volledige artikel in
Trouw, commentaar, 5 juni, 2010

HET VERTROUWEN LIJKT
HERSTELD
AOW en bedrijfspensioen nu
gekoppeld aan levensverwachting. Pensioenpremies stijgen niet.
Het pensioenakkoord van
werkgevers en vakbonden kreeg gisteren direct een enthousiast onthaal. Premier
Balkenende, die het met minister Donner in ontvangst nam, noemde het ‘van grote
betekenis’ dat er nu een breed draagvlak is om het pensioenstelsel, inclusief
de AOW, te hervormen en toekomstbestendig te maken. Volgens onderhandelaars is
er hard doch zakelijk onderhandeld met een uitkomst waar werkgevers en
vakbonden heel tevreden over zijn. Er ligt ook de belofte dat er een pakket van
maatregelen komt op het gebied van scholing en inzetbaarheid om ouderen aan de
slag te houden.
De achterban van de
vakbeweging moet nog instemmen en dat ligt zeker bij de FNV moeilijk. Ook de
steun van de nieuwe regeringscoalitie is onontbeerlijk, zowel voor de
hervorming van de AOW als van de bedrijfspensioenen. De sociale partners
waarschuwen dat het akkoord in zijn geheel moet worden overgenomen, wil het
overeind blijven.
Het volledige artikel van
Wilma van Meteren in: Trouw, 5 juni 2010.

DONNER: WAT KAN EEN
MINISTER MEER VERLANGEN?
Bewindsman bekijkt AOW-akkoord
niet als een boekhouder.
Gisteren kon Piet Hein Donner als demissionair
minister van Sociale zaken toezien hoe sociale partners het uiteindelijk toch
eens werden, zowel over de AOW-leeftijd als over het later ingaan van de
aanvullende pensioenen. Daarmee is volgens hem het belangrijkste werk wel gedaan.
“Je sluit nu een periode af
van anderhalf jaar en een heel rumoerig debat. Iedere informateur zal
onderkennen dat dit een doorbraak is in het denken over de AOW, omdat deze
wordt gekoppeld aan de levensverwachting,” aldus Donner.
Het volledige artikel van
Karen Zandbergen in: Trouw, 5 juni 2010.

HAMER: REKEN HET VOORSTEL
EERST DOOR
Zware beroepen worden toch
ontzien
Samen met Wouter Bos, Jetta
Klijnsma en Lilianne Plouwen wist ze de PvdA ervan te overtuigen dat de
AOW-leeftijd omhoog zou moeten. Mits er een regeling zou komen voor zware
beroepen. Die ontbreekt in het akkoord dat werkgevers en werknemers gisteren
sloten. “Het is goed dat de sociale partners er uit zijn gekomen. Als de
sociale partners met een voorstel komen, moet je van goede huize komen om er
niet mee akkoord te gaan. Er zijn twee voorwaarden: Levert het genoeg op? En:
vallen er geen groepen buiten de boot? Het voorstel moet dus eerst nog worden
doorgerekend. Ik hoop dat de politieke partijen nu ook over hun eigen schaduw
heen kunnen springen, aldus Hamer.
Het volledige artikel in:
Trouw, 5 juni 2010.

WERKGEVERS EN BONDEN
SLUITEN AKKOORD OVER PENSIOENLEEFTIJD.
Vakcentrales en werkgevers
hebben vrijdag het langverwachte pensioenakkoord gesloten. Daarin wordt
afgesproken dat de AOW- en de pensioenleeftijd in 2020 naar 66 jaar gaat. In
2015 wordt deze waarschijnlijk opgehoogd naar 67. Werknemers houden de
mogelijkheid om te stoppen op hun 65ste.
De politieke partijen
reageerden vorige week al overwegend positief. Alleen SP-leider Roemer zei
vrijdagochtend bij Goedemorgen Nederland dat het onbeschoft is om vlak
voor de verkiezingen te bepalen of de AOW-leeftijd wel of niet verhoogd wordt.
Hij vindt dat de kiezer niet serieus genomen wordt door de sociale partners.
Het volledige artikel van
Elsbeth Stoker in: de Volkskrant, 5 juni 2010.

OOK KRITIEK OP AOW-AKKOORD
De bestuurders van de
vakbonden zijn blij met het akkoord over de AOW. Maar of dat ook geldt voor de
leden?
Werkgevers en werknemers
hebben vrijdag hun handtekening gezet onder de verhoging van de AOW- en
pensioenleeftijd. Het resultaat moet echter nog wel worden voorgelegd aan de
leden van FNV. Daar klink kritiek.
‘Er is nog geen akkoord’ zegt
Huub de Rouw, lid van de Bondsraad van FNV Bondgenoten. ‘Er staan nu alleen nog
handtekeningen onder het concept. We willen nog een referendum onder de leden,
en uiteindelijk besluit de politiek’. Hij maakt zich zorgen over de flexibele
uittreedleeftijd. Het blijft mogelijk op je 65ste te stoppen, maar
dan krijg je wel 6,5 procent minder AOW. Om te voorkomen dat mensen met een
laag inkomen zich deze optie niet kunnen veroorloven, hebben de vakcentrales
bepleit dat de AOW ‘welvaartsvast’ wordt.
Het volledige artikel van
Elsbeth Stoker in: de Volkskrant, 5 juni 2010.

BABYBOOMERS ONTZIEN
Vooral 55-plussers
profiteren van het naderende pensioenakkoord tussen de sociale partners. De
rekening gaat vooral naar veertigers en begin-vijftigers.
De babyboomers hebben op dit
moment relatief hoge pensioenaanspraken opgebouwd.
De sociale partners willen de
pensioenleeftijd en de AOW-leeftijd vanaf 2020 verhogen tot 66 jaar. Dat
betekent dat de hele generatie babyboomers wordt ontzien en nog met 65 jaar kan
uittreden, of zelfs eerder als ze recht op de vut hebben. Jongere generaties
moeten één of, na 2025, twee jaar langer doorwerken. Zij zullen dus langer
pensioenpremie betalen en krijgen hun pensioen ( en AOW) pas vanaf 66 of 67
jaar. Dit scheelt pensioenfondsen tientallen miljarden euro’s. Als het akkoord
door het nieuwe kabinet wordt overgenomen, springen de dekkingsgraden van de
pensioenfondsen schoksgewijs omhoog. Voor de gepensioneerden en de nu nog
werkende babyboomers is dat zeer gunstig, omdat dan hun uitkeringen en
aanspraken meteen weer kunnen worden geïndexeerd.
Voor de jongere generaties,
geboren na 1970, is het akkoord tussen de sociale partners vrij neutraal. De
pensioenpremies gaan in elk geval niet verder omhoog, wat zonder maatregelen
onvermijdelijk was geweest. Jongeren moeten weliswaar langer doorwerken, maar
omdat ze gemiddeld enkele jaren ouder zullen worden dan de bayboomers, genieten
ze ongeveer even lang van hun pensioen.
Het volledige artikel van
Remko Nods in: ELSEVIER, 5 juni 2010.

PREMIER CONTENT OVER
CAO-AKKOORD
Demissionair premier Jan
Peter Balkenende noemt het pensioenakkoord dat de sociale partners gisteren
gesloten hebben “van grote betekenis” voor de houdbaarheid van de
oudedagsvoorziening.
Het akkoord zou meer kunnen
opbrengen dan het kabinetsplan, zei Balkenende, doordat de leeftijd verder kan
oplopen tot na 67 jaar. Ook demissionair minister Piet Hein Donner sprak van
een “heuglijk moment”. Het akkoord is volgens hem van wezenlijke waarde voor de
informateur die na de verkiezingen aan de slag gaat.
Met de koppeling van de AOW-
en pensioenleeftijd aan de levensverwachting gaan werkgevers en vakbonden
verder dan het voorstel van het demissionaire kabinet, dat de leeftijd op 67
jaar fixeerde.
Het volledige artikel in: NRC
Handelsblad, 5 juni 2010.

OOK ‘LASTIGE’ ABVA KABO
POSITIEF
Akkoord over verhoging
AOW- en pensioenleeftijd slechts kwestie van tijd
Nu de meest kritische
FNV-bond, Abva Kabo, heeft aangegeven voor het AOW-akkoord te zijn, is de kans
dat de FNV-leden deze week ook akkoord gaan aanzienlijk toegenomen.
Aba Kabo-voorzitter Edith
Snoey wilde niet zeggen of de bondsraad, waarin alle sectoren van de vakbond
zijn vertegenwoordigd, positief was over het akkoord.
Werkgeversorganisatie
VNO-NCW, MKB Nederland en LTO Nederland en werknemersorganisaties FNV, CNV en MHP
gingen in september nog met ruzie uiteen. Na de verkiezingen moet het nieuwe
kabinet nog akkoord gaan. De meeste politieke partijen zijn voor een verhoging
van de AOW- en pensioenleeftijd.
Het volledige artikel in:
Trouw, 7 juni 2010.

REALISTISCHE AANVULLEND
PENSIOEN IS PURE NOODZAAK
Pensioenakkoord speelt in
op stijgende levensverwachting.
De bedrijfspensioenen gaan op
de schop. Meer dan op de AOW is het akkoord van werkgevers en vakbonden erop
gericht het aanvullend pensioen te hervormen.
Nieuwe pensioencontracten,
waarbij de werknemers zelf meer risico dragen, volgen, hoewel deskundigen
betwijfelen of dat allemaal juridisch haalbaar is.
In de pensioenafspraken was
tot nu toe te weinig rekening gehouden met de stijgende levensverwachting. De
pensioenfondsen konden dit altijd repareren door forse rendementen op hun
beleggingen. De crisis legde bloot hoe kwetsbaar ze zijn; miljarden zijn in
rook opgegaan. De voortdurende lage rente speelt hen ook parten. De rekening
wordt voortaan gelijkelijk verdeeld over jong en oud,
Het volledige artikel van
Wilma van Meteren in: Trouw, 8 juni 2010.

BIJ PENSIOEN GAAT HET
VOORAL OM EERLIJKHEID
Mensen zijn best bereid
schokken op te vangen, als anderen daarin ook maar delen. Het pensioenakkoord
van de sociale partners is een geschenk voor het komende kabinet. Nu nog een
goede arbeidsnota voor ouderen.
Met het vrijdag afgesloten
pensioenakkoord bewijzen de sociale partners ons land een grote dienst. Door de
politiek te bevrijden van dit hoofdpijndossier dragen zij bij aan een snelle
formatie. Het nieuwe kabinet weet zich verzekerd van draagkracht voor
pensioenhervormingen.
Het akkoord beziet de AOW en
het aanvullend pensioen in onderlinge samenhang. De leeftijd waarop men een
AOW-uitkering krijgt, en de leeftijd voor aanvullend pensioen worden gekoppeld
aan de levensverwachting op 65 jaar. Zo wordt een eind gemaakt aan steeds
hogere pensioenlasten, die het gevolg zijn van de stijgende levensverwachting.
Door de daaruit voortvloeiende kostenstijgingen te stoppen, beëindigen de
sociale partners de druk op de loonruimte.
Het pensioenakkoord beschermt
lage inkomens door de AOW voortaan te indexeren aan de verdiende lonen in
plaats van de lagere CAO-lonen.
De grote uitdaging waarvoor
Nederland staat, is het verbeteren van de arbeidsmarkt voor ouderen, zodat de
senioren in staat zijn om zinvol werk te doen.
Het volledige artikel van
Lans Bovenberg, hoogleraar economie Universiteit van Tilburg, in: NRC
Handelsblad, 8 juni 2010.

PENSIOENEN STIJGEN EN
DALEN MEE MET BEURZEN
Gepensioneerden zullen in
de toekomst vaker te maken krijgen met dalende pensioenen. Dat is een gevolg
van de nieuwe pensioenafspraken die werkgevers en vakbonden vorige week in de
stichting van de arbeid overeenkwamen.
De hoogte van het pensioen
zal in de toekomst veel meer afhankelijk zijn van de beleggingsresultaten van
de pensioenfondsen. “Dat betekent dat er in goede tijden vaker geïndexeerd, de
pensioenen aanpassen aan de inflatie, kan worden. Maar in slechte tijden ook
rekening houden met lagere uitkeringen’, zegt Ap Fraterman, secretaris
pensioenbeleid bij werkgeversorganisatie VNO-NCW.
De sociale partners kiezen nu
voor een nieuw model. Afgesproken is dat de pensioenpremies in de toekomst niet
extra zullen stijgen om tekorten in de fondsen aan te vullen. Dat maakt de
uitkeringen afhankelijk van de rendementen die de pensioenfondsen boeken op hun
beleggingen. De opgebouwde rechten van de pensioendeelnemers blijven wel
intact. Maar de nieuwe regels zullen voor iedereen gelden. Dat betekent
hoogstwaarschijnlijk dat iedereen die nog niet gepensioneerd is uiteindelijk
met een lager pensioen genoegen moet nemen.
Het volledige artikel van
Peet Vogels in: AD Utrechts Nieuwsblad, 9 juni 2010.

|