PENSIOENEN IN HET NIEUWS
CITATEN UIT DE PERS INZAKE PENSIOENEN - deel 198
Deze nieuwsrubriek geeft een samenvatting
van in de media verschenen artikelen. Voor
de volledige informatie kunt u terecht bij de website van de betreffende uitgever.
Verzameld door Ton Boogers en bewerkt door Harry Nijhuis |
Overzicht deel 198 (t/m 22 juli 2010)
Nieuws uit de media
Opinies uit de media
Voor de vorige artikelen: zie de index of het archief.
Nieuws uit de media
PENSIONADO’S VERDIENEN
ZEGGENSCHAP OVER EIGEN GELD
Wie gaan eigenlijk over
doe honderden miljarden die met verplichte premies zijn opgespaard?
Decennia lang heeft men
pogingen gedaan de positie van de pensioengerechtigden in pensioenfondsbesturen
te verbeteren. Op 1 juli heeft een meerderheid in de Tweede Kamer eindelijk
ingestemd met een initiatiefwetsvoorstel uit 2008 van D66’er Koser Kaya en
VVD’er Blok, dat een aantal noodzakelijke veranderingen afdwingt.
Het succes is voor een
belangrijk deel op het conto te schrijven van de onvermoeibare Erwin Nypels,
oud Tweede Kamerlid voor D66, die zich in verschillende functies heeft ingezet
om gepensioneerden een eigen stem te geven.
Want wie gaan er eigenlijk
over die honderden miljarden, die op basis van verplichte premies zijn
opgespaard en worden uitbetaald? Dat zijn in de regel vooral vertegenwoordigers
van werkgevers en werknemers. 70 procent van de ouderen die een aanvullend
pensioen ontvangen, is niet vertegenwoordigd in de pensioenfondsbesturen, omdat
werkgevers- en werknemersorganisaties in met name bedrijfstakpensioenfondsen,
zoals ABP en Metalelektro, daar niets voor voelen.
Het is te betreuren dat de
pensioensector zelf onvoldoende tot de echte democratisering en rechtvaardige
zeggenschapsverhoudingen heeft kunnen komen.
Deskundigheid en kwaliteit
staan uiteraard voorop als een pensioenfondsbestuur wordt samengesteld, maar de
wijze van voordracht en benoeming moet echt anders dan tot nu toe in veel
fondsen het geval was.
Het volledige artikel van
Martine van den Dool in: de Volkskrant, 7 juli 2010.

CONCURRENTIE OP
PENSIOENMARKT
BinckBank en DeltaLloyd
gaan beleggingspensioenfondsen aanbieden tegen lagere kosten. BeFrank, het
nieuwe bedrijf waarin de bank en de verzekeraar beide 50 procent hebben, rekent
jaarlijks circa 120 euro kosten per persoon. BeFrank claimt tenminste de helft
goedkoper te zijn dan traditionele aanbieders.
Deze eerste zogeheten
premiepensioeninstelling (PPI) is een nieuw bedrijfsmodel dat deze week is
mogelijk gemaakt door een wet die is aangenomen door de Tweede Kamer. De ppi is
geen verzekeraar en evenmin een traditioneel pensioenfonds, die tot voor kort
het alleenrecht hadden collectieve pensioenen aan te bieden.
BeFrank richt zich op
zogeheten beschikbare premiepensioenen. Dit zijn pensioenen waarbij de
werkgever een vast bedrag stort voor de werknemer. De beleggingsrisico’s liggen
helemaal bij de werknemer. Volgens Jaap Hoekman van IG & H Consulting
groeit de markt voor beschikbare premiepensioenen met bijna 7 procent per jaar.
BeFrank wil zich
onderscheiden van andere pensioenaanbieders door alle informatie online ter
beschikking te stellen. BinckBank en Delta Lloyd steken 6 miljoen euro in het
nieuwe pensioenbedrijf. Ze verwachten dat BFrank in 2014 uit de aanloopkosten
is.
Het volledige artikel van
Frank van Alphen in: de Volkskrant, 7 juli 2010.

PENSIOENBEHEERDERS STOTEN
INVESTEERDER ALPINVEST AF
De pensioenbeheerders PGGM
en APG nemen afscheid van een aantrekkelijke maar omstreden geldmachine: zij
hebben hun eigen private-equitybelegger Alpinvest, te koop gezet.
PGGM noch APG wilden
vanochtend commentaar geven op het verkoopproces. Alpinvest heeft in de loop
der jaren ruim 46,3 miljard euro van zijn twee aandeelhouders beschikbaar
gekregen om te beleggen in private bedrijven in binnen- en buitenland.
Hoewel PGGM en APG ook na de
verkoop geld via Alpinvest willen blijven beleggen, willen zij volgens een
ingewijde vooral van het privaye-equitybedrijf af om hun reputatie te
beschermen. Geregeld ligt de beloningsstructuur in de private-equitywereld
onder vuur. Met omstreden schuldfinancieringen weten ze slimme transacties te
sluiten.
Het volledige artikel van
Philip de Witt Wijnen in: NRC Handelsbald, 9 juli 2010.

ONTSPRINGEN BABYBOOMERS DE
DANS?
Strijd over welke
generatie de rekening van crisis en vergrijzing betaalt is nog niet gestreden.
Wie betaalt de rekening van kredietcrisis en vergrijzing? In het
maatschappelijk debat schuiven generaties elkaar de zwartepiet toe.
Rekenmeesters pogen helderheid te scheppen.
Ouderen hebben er ‘op los’
geleefd en laten de rotzooi achter voor nieuwe generaties, stelt David Willets,
Brits publicist en oud-parlementariër. Daarom moeten de babyboomers ‘hun
toekomst’ teruggeven en de rekening betalen. Dat kunnen ze volgens hem
makkelijk. De boomers hebben tenslotte volop geprofiteerd van de naoorlogse
welvaart en veel vermogen opgebouwd.
Ook in Nederland zitten
babyboomers er warmpjes bij – althans een deel van hen – blijkt uit recente
CBS-cijfers. Maar de vermogenscijfers van het CBS vertellen niet het gehele
verhaal. Je kunt uit een vergelijking van vermogens op een bepaald tijdstip
niet zonder meer de conclusie trekken dat babyboomers beter af zijn, stelt de
econoom Harry ter Rele, onderzoeker bij het Centraal Planbureau (CPB). De
cijfers zijn niet vergelijkbaar, omdat generaties dan in een verschillende fase
van hun levensloop zitten. Zo blijkt uit een recent rapport van het CPB Vergrijzing
verdeeld dat de huidige dertigers en veertigers zo het meeste voordeel
genieten van overheidsvoorzieningen. Babyboomers hebben minder profijt gezien
de relatief magere jaren vijftig en zestig waarin de welvaartsstaat is
opgebouwd, aldus het CPB.
Voor de onderhandelaars over
de bezuinigingen op het Binnenhof hebben de cijferaars van het CPB in ieder
geval één houvast: ombuiging op uitgaven van de overheid treft vooral oudere
generaties. Maar bezuinigingen op onder andere AOW en WW treft juist jongere
generaties zwaarder
Het volledige artikel van
Michèle de Waard in: NRC Handelsblad, 9 juli 2010.

STEUN VOOR PENSIOENAKKOORD
“Ja” van achterban CNV
Publieke Zaak. Besluit vakcentrales nog deze week
Publieke Zaak stemt in met
het AOW- en pensioenakkoord van de sociale partners.
58 procent was voor, wel minder
dan bij de FNV-bonden. Daar stemde 80 procent voor.
Vandaag overleggen alle
CNV-bonden over de uitkomsten van hun – verschillende - raadplegingen. Daarna
stemt het Algemeen Bestuur, dat alle tien bonden vertegenwoordigt, over het
akkoord. Ingewijden verwachten ook daar een “ja”.
Het volledige artikel in:
Trouw, 12 juli 2010. et verschil tussen voor en
tegen was met 58 procent voor, wel veel kleiner dan bij de FNV-bonden. Daar
stemden 8o procent voor.

ACHTERBAN CNV GAAT AKKOORD
MET PLAN VERHOGEN PENSIOENLEEFTIJD (2)
De achterban van de christelijke
vakcentrale CNV heeft ingestemd met de nieuwe AOW- en pensioenakkoord. Het CNV
maakte gisteren de uitslag van ledenbijeenkomsten en digitale enquêtes bekend,
waaruit blijkt dat de meerderheid van de leden positief is over de plannen.
Tegenstand kwam vooral uit de
hoek van politiebond ACP en van ACOM, de bond van de militairen. Er zijn
twijfels over de positie van de werknemers in zware beroepen en de kansen op
werk voor oudere werknemers.
Morgen wordt duidelijk of de
FNV akkoord gaat met de AOW-plannen. De leden gaven weliswaar al groen licht,
meer de federatieraad van de vakcentrale moet uiteindelijk de knoop doorhakken.
AD Utrechts Nieuwsblad, 13
juli 2010.

SCHEP MEER PERSPECTIEF
VOOR OUDEREN (3)
Hogere AOW-leeftijd vraagt
om extra aandacht voor werkgelegenheid
De elf bonden van vakcentrale
CNV stemden gisteren in met het pensioenakkoord dat de bonden sloten met de
werkgevers.
“De meesten willen nog steeds
niet langer doorwerken. Maar iedereen begrijpt dat er iets moet gebeuren om de
vergrijzing betaalbaar te houden. De grootste vraag die de leden hebben is:
zullen er wel banen zijn voor mensen die na hun 65ste door moeten?
Daar zullen we dus hard mee aan de slag moeten om het voorbehoud van de leden
weg te nemen. Ik denk dat de noodzaak om de AOW-leeftijd te verhogen nieuwe
perspectieven schept voor de arbeidsmarkt en dat er extra aandacht komt voor
werkgelegenheid. Er is genoeg werk te doen. In de zorg zijn er veel banen te
vergeven. Ook is er een groot tekort aan vrachtwagenchauffeurs en technisch
personeel. De visie ontbreekt op dit moment in Nederland.
Het volledige interview van
Laura Baars met Jaap Jongejan van het CNV in: Trouw, 13 juli 2010.

OOK VAKCENTRALE MHP STEMT
IN MET VERHOGING VAN AOW-LEEFTIJD (4)
Onder de strikte eis dat de
overheid zich er als grootste werkgever ook aan houdt, stemde de vakcentrale
MHP gisteren in met het AOW- en pensioenakkoord. Daarmee hebben alle drie de
vakcentrales na raadplegen van hun achterban hun fiat gegeven aan een verhoging
van de AOW- en pensioenleeftijd.
Volgens voorzitter Richard
Steenborg van MHP, de vakcentrale voor middengroepen en hoger personeel, heeft
zijn achterban er moeite mee dat werknemers en gepensioneerden de financiële
risico’s van de bedrijfspensioenen dragen. In het akkoord is afgesproken dat
pensioenpremies, die grotendeels door werkgevers worden betaald, in principe
niet omhoog gaan, bijvoorbeeld om de problemen van pensioenfondsen op te
lossen.
Het volledige artikel in:
Trouw, 16 juli 2010.

FEITELIJKE LEEFTIJD VAN
PENSIOEN SCHUIFT OP
Het aantal niet-werkende
ouderen tussen de 55 en 60 jaar is de afgelopen vijftien jaar gehalveerd.
Steeds meer ouderen blijven dus langer aan het werk.
Dat is de voornaamste
conclusie uit een gezamenlijk onderzoek van het Centraal Bureau voor de
Statistiek (CBS) en TNO. In de vandaag verschenen publicatie Alle hens aan
dek: Niet-werkenden in beeld gebracht, tonen CBS en TNO aan
dat de gemiddelde leeftijd waarop werknemers met pensioen gaan, stijgt naar 62
jaar.
“Dat komt deels omdat de
vutregelingen zijn versoberd, maar ook omdat het eerste cohort vrouwen dat
halverwege de jaren tachtig de arbeidsmarkt betrad, nu ouder wordt. Zij blijven
werken. De crisis doet daar niets aan af”, aldus Jos Sanders van TNO.
Het aantal niet-werkende
vrouwen is de afgelopen 15 jaar gehalveerd naar 37 procent in 2009.
Het volledige artikel in: NRC
Handelsblad, 13 juli 2010.

SARKOZY’S INGREPEN
De president heeft
wijzigingen in zijn kabinet aangekondigd die eind Oktober hun beslag zullen
krijgen. Sarkozy zal al zijn politieke prestige nodig hebben ter verdediging
van een besluit dat de Franse regering gisteren nam: de hervorming van het
pensioenstelsel. Als dit besluit van kracht wordt, gaat de pensioenleeftijd in
de periode tot 2018 geleidelijk omhoog van 60 naar 62 jaar.
Daarmee is de regering dus
enigszins teruggekomen op haar voornemen om de pensioenleeftijd naar 63 te
verhogen. Verder valt er over dit besluit niet te onderhandelen, heeft Sarkozy
laten weten. Het gaat hier wel om een beslissing die vermoedelijk de meest
ingrijpende zal zijn gedurende het presidentschap van Sarkozy. Dan slaagt de
president waar zijn voorgangers faalden. Dan mag hij zich met recht een
hervormer noemen.
De Franse pensioenen worden
volledig uit de staatskas betaald en vormen zo een belangrijke oorzaak van de
gaten daarin. De Staat moet zich dit jaar voor 31 miljard euro in de schuld
steken om de pensioenen te kunnen betalen. Zonder ingrepen zal dit bedrag de
komende jaren alleen maar groeien. Dat is niet verantwoord.
Niettemin hebben de vakbonden
al verzet aangekondigd en willen socialistische politici van de hogere
pensioenleeftijd een strijdpunt maken bij de presidentsverkiezingen in 2012.
Het volledige artikel in: NRC
Handelsblad, 14 juli 2010.

LAGERE RENTE BETEKENT KLAP
VOOR DE PENSIOENFONDSEN
De dekkingsgraad van
pensioenfonds ABP is in de eerste zes maanden van 2010 gedaald tot 95 procent.
In de eerste maanden van dit
jaar lag de dekkingsgraad nog rond de 100 procent. Oorzaak voor de daling is de
lage rentestand, die wordt gebruikt om de verplichtingen van het pensioenfonds
te berekenen. Die verplichtingen stegen met 28 miljard tot 229 miljard euro. De
goede beleggingsresultaten konden daarvoor niet compenseren.
Vanwege de dalende
dekkingsgraad besloot het bestuur van ABP begin deze maand tot een tijdelijke
herstelopslag van 1 procent op de premie, ingaand per 1 augustus.
Het ABP is het grootste
pensioenfonds van Nederland. Het tweede fonds, Zorg en Welzijn, staat per eind
mei op een dekkingsgraad van 100 procent. Het pensioenfonds van TNT kondigde
gisteren aan dat de dekkingsgraad in het tweede kwartaal is gedaald tot 101
procent, tegen 110 procent in het eerste kwartaal.
Het volledige artikel in: AD
Utrechts Nieuwsblad, 16 juli 2010.

DEKKINGSGRAAD ABP TE LAAG
(2)
De dekkingsgraad van ABP
was door de eurocrisis half juni gezakt naar 95 procent. De overheid gaat ervan
uit dat de dekkingsgraad minimaal 105 procent is. Zakt een fonds daaronder, dan
moet een herstelplan worden opgesteld.
Dit blijkt uit het donderdag
gepubliceerde halfjaarverslag. Het ABP is niet het enige fonds dat onder de
eurocrisis lijdt. Het pensioenfonds Zorg & Welzijn stond eind mei op 100
procent. TNT liet weten dat de dekkingsgraad van het bedrijfspensioenfonds is
gezakt van 110 procent in het eerste kwartaal naar 101 in het tweede kwartaal.
Volgens het ABP is de lage
dekkingsgraad te wijten aan de lage rente. Hoe lager die rente, hoe hoger de
verplichtingen van het fonds worden gewaardeerd. De lage rente is een gevolg
van de begrotingsproblemen van Zuid-Europse landen, zoals Griekenland.
Het volledige artikel van
Elsbeth Stoker in: de Volkskrant, 16 juli 2010.

DEKKINGSGRAAD
PENSIOENFONDSEN DAALT VERDER
De dekkingsgraad van
diverse grote pensioenfondsen is in het tweede kwartaal verder weggezakt onder
het door De Nederlandsche Bank (DNB) verplicht gestelde minimumniveau van 105
procent.
Dat bleek uit vandaag
gepubliceerde kwartaalberichten van het pensioenfonds Zorg & Welzijn en de
fondsen van Metaal en Techniek (PMT) en de Metalelektro (PME). De dekkingsgraad
daalde het sterkst bij Zorg & Welzijn. Bij dat fonds, veruit het grootste
van de drie, zakte de dekkingsgraad tot 99 procent. Bij PMT, zakte de
dekkingsgraad van 98 procent tot 91 procent.
NRC Handelsblad, 22 juli
2010.

Opinies uit de media
VERGRIJZING VERGT
HERBEZINNING OP COLLECTIEVE ÉN PRIVATE UITGAVEN
We zijn geneigd in de
discussie over vergrijzing alleen te kijken naar de AOW en aanvullende
pensioenen. Voor het overheidsbudget gaat het echter om de AOW en de
zorgkosten.
Dat blijkt uit de
CPB-doorrekening van 2015 tot 2040, waarvan verslag wordt gedaan in het recente
rapport Vergrijzing verdeeld, dat niet alleen de AOW stijgt van 5,4
procent van het bruto binnenlands product (bbp) naar 8,5 procent, maar dat de
zorgkosten ook stijgen van 10,3 tot 14,3 procent over dezelfde periode. Do
zorgkosten stijgen dus nog harder dan de AOW. Als gevolg van deze ontwikkeling
stijgt het begrotingstekort van 2,9 procent van het bbp nu naar 8,9 procent in
2040.
Natuurlijk gaat het om
voorspellingen die afhangen van de gemaakte veronderstellingen. Wij dienen
daarom niet alles exact te aanvaarden wat het CPB ons voorspelt, maar het zou
van struisvogelgedrag getuigen om hier kennis van te nemen en vervolgens over
te gaan tot de orde van de dag. Daarvoor zijn de gesignaleerde ontwikkelingen
te onrustbarend.
In de politiek wordt sterk
gehamerd op het reduceren van de overheidsuitgaven, zodat het begrotingstekort
houdbaar wordt. Een daarvoor benodigde reductie van ongeveer 4,5 procent van
het bbp lijkt echter gewoon onhaalbaar.
De meest voor de hand
liggende oplossing – en daar zal het ook wel naar toe gaan - is een verhoging
van de belastingen en premies, gefinancierd uit een reductie van de private
consumptie. Het zou dan moeten gaan om een verhoging van de totale belasting-
en premiedruk van 49,4 naar 57,7 procent. Dat is niet misselijk.
Een tweede mogelijkheid om
het begrotingstekort te verminderen is verdere privatisering van de zorg.
Het volledige artikel van
B.M.S. van Praag, emeritus hoogleraar Toegepaste Economie aan de Universiteit
van Amsterdam, in: NRC Handelsblad, 13 juli 2010.

|