A 2.5.c.5.5.
09-07-1998

2.0 HANDBOEK PERSONEEL EN ORGANISATIE: Dienstauto


Categorie werknemers

CAO art.

ARAV art.

RAV art.

Reed Elsevier Nederland B.V./EMMC

-

-

-

Elsevier Science B.V. BU/TU

-

-

-

Elsevier bedrijfsinformatie bv BU/TU

-

-

-

PBNA

-

-

-

Elsevier Opleidingen

-

-

-

Publiekstijdschriftjournalisten

-

-

-

Opinieweekbladjournalisten

-

-

-

Vaktijdschriftjournalisten

-

-

-

Grafisch technische werknemers

-

 

-

Grafisch administratieve werknemers

-

-

-

Grafische chefs

-

-

-

Reed Exhibitions Netherlands

-

-

24

NSC

-

-

26

Toeristiek

-

-

-

Boertien & Partners

-

-

25

Directie

-

-

-

 

 

 

Autoregeling van Reed Elsevier Nederland B.V. t.b.v. lease-auto’s

 

Artikel 1. Begripsbepalingen

 

Werkgever:

Reed Elsevier Nederland B.V., gevestigd te Amsterdam of een van de in Nederland gevestigde vennootschappen, waarin zij - hetzij direct hetzij indirect - alle aandelen houdt.

Werknemer:

Iedere bij een van de onder werkgever bedoelde vennootschappen in dienst zijnde persoon, die onder deze regeling valt.

Werkmaatschappij:

De door elke onder werkgever bedoelde vennootschap in stand gehouden onderneming.

Auto:

De personenauto, die door de werkgever ter beschikking is gesteld, teneinde door de werknemer in de uitoefening van zijn functie te worden gebruikt, met uitzondering van bedrijfsauto’s (waaronder worden verstaan auto’s die eigendom zijn van de werkgever, in principe door meer chauffeurs worden bereden en niet bestemd zijn voor privé-gebruik).

Leasemaatschap-pij:

Het bedrijf/de bedrijven waarmee Reed Elsevier Nederland B.V. een basisovereenkomst heeft gesloten op grond waarvan de leasemaatschappij auto’s aan werkgever verhuurt, welke auto’s door werkgever aan werknemers ter beschikking worden gesteld.

Zakelijke kilometers:

a.

bij het voor de eerste keer ter beschikking stellen van de auto ingevolge artikel 2: alle kilometers, onder aftrek van kilometers afgelegd voor privé-gebruik (waaronder in dit verband mede wordt begrepen het woon–werkverkeer), zoals neergelegd in het ‘Overzicht zakelijke kilometers’, dat per werknemer wordt opgesteld door de financiële boekhouding.

 

b.

bij het weer ter beschikking stellen van een auto: alle kilometers, onder aftrek van een franchise van minimaal 10.000 km bij een woon-werkafstand van minder dan 30 km en minimaal 14.000 km bij een woon/werkafstand van 30 km of meer, tenzij naar het oordeel van de werkgever redelijkerwijze een andere franchise in acht genomen moet worden.

Afstand woon/werk:

De afstand tussen de woonplaats van de werknemer, zoals bij de werkgever bekend, en de plaats waar de werknemer in de regel zijn functie uitoefent.

 

Artikel 2. Algemeen

Indien de werknemer voor de uitoefening van zijn functie meer dan 20.000 zakelijke kilometers per jaar aflegt dan wel indien de werknemer naar oordeel van de werkgever voor de uitoefening van zijn functie op grond van zijn positie een auto nodig heeft kan door de werkgever aan de werknemer onder bepaalde voorwaarden een auto ter beschikking worden gesteld.

De procedures t.a.v. het bestellen van een auto zijn vastgelegd in bijlage 1.

 

Artikel 3. Geldlening

  1. Indien de werknemer voor de uitoefening van zijn functie meer dan 20.000 zakelijke kilometers per jaar aflegt kan door de werkgever op verzoek van de werknemer in plaats van een lease-auto een geldlening worden verstrekt ter financiering van een privé-auto.
  2. De werknemer die vóór het bestellen van de lease-auto te kennen geeft in aanmerking te willen komen voor een geldlening ter financiering van de aanschafwaarde van een privé-auto (onder aftrek van de opbrengstwaarde van de oude privé-auto indien deze wordt ingeruild) kan tegen een rente van 0% van de werkgever een bedrag lenen tot maximaal Dfl 15.000,- tenzij de fiscale wetgeving er toe noodzaakt een ander rentepercentage te gebruiken.
    Daarenboven kan de werknemer een bedrag lenen van de werkgever van maximaal Dfl 15.000,- tegen het laatstelijk officieel vastgesteld promesse-disconto minus 2%, tenzij de fiscale wetgeving er toe noodzaakt een ander percentage te gebruiken.
    Het bedrag van de geldlening zal de te financieren aankoop van de privé-auto niet overtreffen.
    De werknemer is verplicht in maandelijkse termijnen in gelijke delen en op basis van annuïteiten een bedrag af te lossen aan de werkgever op zodanige wijze, dat algehele aflossing van de geldlening in 48 maanden zal plaatsvinden.
    De voorwaarden van de geldlening worden vastgelegd in een schriftelijke overeenkomst, zoals neergelegd in bijlage 2 van deze regeling, welke overeenkomst door de werkgever en door de werknemer dient te worden ondertekend alvorens de geldlening wordt verstrekt. Deze overeenkomst zal worden gearchiveerd in het personeelsdossier van de werknemer.
  3. Het in lid 2 van dit artikel bepaalde geldt ook voor de werknemer die, mits hij na afloop van de gebruiksovereenkomst aan de in artikel 2 gestelde voorwaarden voldoet, de aan hem ter beschikking gestelde auto van de leasemaatschappij wenst over te nemen en niet meer in aanmerking wenst te komen voor een door de werkgever ter beschikking gestelde auto.
  4. Aan de werknemer die in aanmerking wenst te komen voor een geldlening ter financiering van een privé-auto, zullen de door hem afgelegde zakelijke kilometers worden vergoed door de werkgever, overeenkomstig ‘De vergoedingsregeling voor dienstkilometers verreden met een privé-auto door werknemers van Reed Elsevier Nederland’.
  5. De werknemer kan, mits nog steeds wordt voldaan aan de voorwaarden van artikel 2, na een termijn van 48 maanden opnieuw een geldlening van de werkgever verkrijgen ter financiering van een privé-auto, overeenkomstig het in dit artikel bepaalde. In dat geval dient de eerder aan de werknemer verstrekte geldlening volledig te zijn afgelost.
    Het verstrekken van een geldlening door de werkgever aan de werknemer kan eveneens geschieden indien binnen de termijn van 48 maanden de privé-auto total-loss is verklaard. In dat geval zal het nog niet afgeloste bedrag van de vorige geldlening in mindering worden gebracht op de op dat moment te verstrekken geldlening.

 

Artikel 4. Indeling in categorieën en keuze van de auto’s

1.

a.

Met betrekking tot het ter beschikking stellen van een auto worden voor niet-directieleden vier categorieën aangehouden (nl. FA, A, B en C). Per categorie geldt een maximum lease-prijs per kilometer.

De maximum lease-prijs is een maximum kostencijfer (inclusief brandstofkosten en kosten verzekering, maar exclusief BTW) per kilometer, dat berekend is uitgaande van een theoretische uniforme rijduur van 4 jaar en 120.000 km.

De maximum lease-prijzen per categorie kunnen bij de afdeling P en O van de werkmaatschappij worden opgevraagd.

De maxima kunnen door Reed Elsevier Nederland B.V. worden gewijzigd, indien dit naar haar oordeel noodzakelijk is. In ieder geval worden de maxima per 1 juli en 1 januari aangepast aan de stijging of daling van de brandstofkosten indien deze uitgaat boven 10 cent per liter brandstof.

 

b.

Per werkmaatschappij dient te worden aangegeven in welke categorie bedoeld onder a., de werknemer die met inachtneming van het gestelde in artikel 2 voor een auto in aanmerking komt, een auto ter beschikking zal worden gesteld.

2.

Met betrekking tot het ter beschikking stellen van een auto aan directieleden worden afzonderlijke categorieën aangehouden.

3.

Indien de werkgever een auto ter beschikking stelt, kan de werknemer een keuze maken uit een aantal door de werkgever vast te stellen merken en types tot de voor zijn categorie vermelde maximum lease-prijs. De werkgever is vrij een dealer aan te wijzen waar de door de werknemer gekozen auto dient te worden besteld.

4.

Extra voorzieningen mogen worden aangebracht indien dit naar het oordeel van de werkgever redelijk is, de maximum lease-prijs, als onder lid 1 sub a aangegeven, niet wordt overschreden en de kosten hiervan niet hoger zijn dan 10% van de cataloguswaarde.

Indien voor het eerst een auto ter beschikking wordt gesteld, wordt als extra voorziening een autoradio-casetterecorder alsmede een anti-diefstalslede standaard gemonteerd. Indien de autoradio wordt gestolen, komt men niet in aanmerking voor een andere autoradio-casetterecorder. Bij vervanging van de auto dient deze autoradio-cassetterecorder te worden overgezet. Indien de auto wordt ingeruild, dient deze voorzien te zijn van een autoradio-cassetterecorder, die gelijkwaardig is aan die welke bij de eerste ter beschikkingstelling van de auto is gemonteerd.

Alle door de werknemer gewenste extra voorzieningen boven de maximum-lease-prijs en/of boven 10% van de cataloguswaarde moeten door de werknemer zelf worden bekostigd; bij vervreemding, schade of verloren gaan van deze extra voorzieningen wordt geen vergoeding of schadeloosstelling aan de werknemer uitgekeerd. Deze extra voorzieningen vallen buiten de verzekering. Bij inlevering van de auto is verwijdering van deze - op rekening van de werknemer aangebrachte - extra voorzieningen alleen toegestaan met toestemming van de werkgever en indien dit kan geschieden zonder enige beschadiging van de auto. Verwijdering van een antenne is nimmer toegestaan.

 

Artikel 5. Kosten, eigen bijdrage, vergoedingen

1.

a.

Alle kosten voor het gebruik van de auto komen onverminderd het in dit artikel bepaalde voor rekening van de werkgever. De werknemer is gehouden deze kosten, indien door hemzelf betaald, te declareren bij de leasemaatschappij, volgens een procedure door de werkgever vastgesteld. Indien een auto ter beschikking is gesteld met een LPG-installatie, is het de werknemer niet toegestaan op benzine te rijden vanaf het moment dat de auto volgens de officiële richtlijnen op gas kan rijden.

Het prijsverschil tussen LPG en de benzine, die de werknemer verbruikt, zal aan de werknemer in rekening worden gebracht door de werkgever, na aftrek van een franchise van 5 liter benzine per maand.

1.

b.

De kosten van brandstof, aangekocht in het buitenland, tijdens zakelijk gebruik van de lease-auto, dienen te worden gedeclareerd bij de werkgever.

2.

a.

De werknemer betaalt voor het privé-gebruik van de auto jaarlijks aan de werkgever als eigen bijdrage een percentage van de aanschafwaarde van de auto inclusief de door de werkgever bekostigde extra voorzieningen en BTW, overeenkomstig onderstaande tabel

   

Afstand woon/werk

gelijk of minder dan 30 km

meer dan 30 km

   

Diesel/LPG

10%

12%

   

Benzine

12%

14%

   

Indien de werknemer een auto kiest met een lease-prijs die lager is dan de toegestane lease-prijs, wordt het verschil vermenigvuldigd met het genormeerde aantal kilometers per jaar, in mindering gebracht op de eigen bijdrage. Deze bijdrage kan nooit negatief zijn.

Per maand zal eentwaalfde (1/12) van voornoemde bijdrage door de werkgever worden ingehouden op het netto-salaris van de werknemer.

2.

b.

De werknemer met een lease-auto, voor wie de fiscus geaccepteerd heeft dat hij geen bijtelling bij zijn inkomen hoeft te plegen in verband met een auto welke beschikbaar is gesteld door de werkgever (i.h.a. wanneer men kan aantonen dat men minder dan 1.000 km per jaar privé rijdt met deze auto), wordt vrijgesteld van het betalen van zijn eigen bijdrage aan de werkgever.

2.

c.

Artikel 5 lid 2.a. is slechts van toepassing op nieuwe werknemers en op werknemers die nà 1 oktober 1991 voor het eerst in aanmerking komen voor een lease-auto.

3.

De werknemer dient de auto overeenkomstig het bij de auto behorende onderhouds- of serviceboekje regelmatig bij een officiële merkdealer in onderhoud te geven en aldaar eveneens de noodzakelijke reparaties en onderhoud waaronder de APK-keuring te laten verrichten conform de instructies van de leasemaatschappij. Defecten aan de kilometerteller dienen onmiddellijk te worden gerepareerd. Is reparatie niet terstond mogelijk, dan dient het met de auto na het defect raken van de kilometerteller gereden aantal kilometers aan de leasemaatschappij te worden opgegeven. Zogenaamd klein onderhoud, zoals olie verversen, lampen vervangen e.d. kan de werknemer ook bij een service-station laten verrichten.

De kosten voor vervangend vervoer bij reparatie en/of onderhoud korter dan 24 uur komen voor rekening van de werknemer. De werknemer kan de noodzakelijke vervoerderskosten van die dag op basis van openbaar vervoer declareren overeenkomstig de bestaande richtlijnen. Bij zakelijke verplichtingen die dag kunnen de kosten van openbaar vervoer of de kilometers gereden met een privé-auto gedeclareerd worden.

4.

a.

Privé-gebruik van de auto door de werknemer in Nederland is binnen redelijke grenzen toegestaan. Het is aan de werknemer verboden de auto, hetzij om niet hetzij tegen een vergoeding, aan een ander dan aan de echtgeno(o)t(e) of partner met wie men duurzaam samenwoont voor gebruik af te staan of aan een ander te verhuren, danwel deze te gebruiken ten behoeve van derden met het doel geldelijk voordeel te behalen of met de auto deel te nemen aan snelheids-, prestatie- en/of betrouwbaarheidsritten, hoe ook genaamd.

 

b.

Privé-gebruik van de auto door de werknemer buiten Nederland is met inachtneming van het gestelde in lid 4.a. binnen redelijke grenzen en op de volgende voorwaarden toegestaan:

  • de werknemer draagt zelf de kosten van in het buitenland aangekochte brandstof.
  • de werknemer is verplicht een ANWB reis- en kredietbrief in zijn bezit te hebben.

 

Artikel 6. Verzekering, schade, onderhoud, bekeuringen

1.

De auto is door de werkgever verzekerd. De werknemer is verzekerd tegen ongevallen krachtens een door de werkgever afgesloten ongevallenverzekering; de inzittenden zijn verzekerd krachtens een ongevallen-inzit-tendenverzekering.

2.

De werkgever behoudt zich het recht voor bij de in lid 1 van dit artikel genoemde verzekering in geval van schade een zeker eigen risico voor de werknemer in te voeren (met een maximum van Dfl 1.000,- per gebeurtenis), indien hij daartoe termen aanwezig acht. Dit eigen risico kan worden verdubbeld indien sprake is van nalatigheid of grove schuld.

3.

a.

De schade dient conform de verzekeringsvoorschriften onmiddellijk aan de werkgever gemeld te worden. Voor de afhandeling van de schade dient de werknemer de instructies van de werkgever te volgen.

 

b.

Ingeval van schade die volgens de verzekeringsvoorwaarden van de verzekering niet is gedekt en de verzekeringsmaatschappij zou besluiten een door haar aan derden uitgekeerde schadevergoeding te verhalen op de berijder, is de werknemer aansprakelijk voor deze schade. Het eigen risico, dat bij deze verzekering hoort, komt in dat geval ook voor rekening van de werknemer.

Hierna enkele voorbeelden van deze situaties:

   

Algemene Voorwaarden Wagenparkverzekering WP 950

De W.A.- en/of Casco-schade kan op de vaste berijder worden verhaald indien:

   

Art. 5.1-d

de schade of voorval wordt veroorzaakt terwijl de lease-auto is verhuurd of wordt gebruikt voor het vervoer van personen tegen betaling:

   

Art. 5.1-e

de schade of voorval wordt veroorzaakt terwijl de lease-auto een wijziging heeft ondergaan dan wel voor andere doeleinden wordt gebruikt waardoor het risico wordt verzwaard, of voor een ander doel wordt gebruikt dan door de wet is toegestaan;

   

Art. 5.1-f

m.b.t. het ontstaan, de aard of de omvang van de schade of voorval een onvolledige of onware opgave wordt gedaan waardoor een redelijk belang van de verzekeraar wordt geschaad;

   

Art. 5.1-g

de schade of voorval niet of niet tijdig wordt gemeld waardoor een redelijk belang van de verzekeraar wordt geschaad.

     
   

Bijzondere Voorwaarden Cascoverzekering Wagenparkverzekering WP 952

De Casco-schade kan op de bestuurder worden verhaald, indien:

   

Art. 6-1-d

de schade wordt veroorzaakt terwijl de feitelijke bestuurder van de lease-auto onder zodanige invloed van alcoholhoudende drank of enig bedwelmend middel verkeerde dat het besturen van de lease-auto hem door de wet of overheid is of zou zijn verboden.

       

4.

Eventuele bekeuringen komen volledig ten laste van de werknemer, tenzij het werkgeversbelang dermate in het geding is, dat van deze regel dient te worden afgeweken, dit ter beoordeling van de werkgever. De bekeuringen zullen aan de werknemer in rekening worden gebracht overeenkomstig de bij de werkgever daarvoor bestemde procedure.

Indien de auto door justitie in beslag wordt genomen en daarna verbeurd wordt verklaard, kan de werkgever de daaruit voortvloeiende kosten en schade verhalen op de werknemer.

 

 

Artikel 7. Vervanging van de auto.

  1. Aan de werknemer kan - mits nog steeds wordt voldaan aan de voorwaarden van artikel 2 - na een termijn van 4 jaar een andere auto ter beschikking worden gesteld.
    Dit kan eveneens geschieden als binnen de termijn van 4 jaar de auto total-loss is verklaard of het maximum aantal kilometers voor dit type auto is overschreden; in het algemeen geldt:
    voor auto’s op benzine : 120.000 km;
    voor auto’s op gas : 120.000 km; (140.000 km voor bepaalde
    typen auto’s)
    voor auto’s op dieselolie : 160.000 km.
    Indien blijkt dat het brandstofverbruik van de aan de werknemer ter beschikking gestelde auto in de voorafgaande leaseperiode gemiddeld 20% boven het vastgestelde normverbruik ligt, zal bij de vervanging van de auto dit meerdere op de maximum lease-prijs in mindering worden gebracht.
  2. Indien een werknemer op grond van functie(niveau-)wijziging in aanmerking komt voor een auto in een andere categorie, als bedoeld in artikel 4 lid 1, zal effectuering daarvan geschieden conform het in lid 1 van dit artikel bepaalde.

 

Artikel 8. Gebruiksovereenkomst

Met de werknemer, aan wie een auto ter beschikking is gesteld, wordt middels het aanvraagformulier een gebruiksovereenkomst gesloten (zie bijlage 3), waarin naar deze autoregeling alsmede naar de instructies van de leasemaatschappij wordt verwezen.

Een kopie van het aanvraagformulier/gebruiksovereenkomst wordt gearchiveerd in het personeelsdossier van de werknemer.

 

Artikel 9. Overige verplichtingen van de werknemer

  1. De werknemer is gehouden als een goed huisvader voor de bewaring en het behoud van de auto te zorgen, overeenkomstig het daaromtrent door de leasemaatschappij bepaalde, daarvan geen ander gebruik te maken dan waarvoor deze is bestemd en deze bij het einde van de gebruiksovereenkomst aan de werkgever terug te geven; dit alles op straffe van vergoeding van kosten, schaden en interessen.
  2. De werkgever is te allen tijde gerechtigd de gebruiksovereenkomst zonder rechterlijke tussenkomst met onmiddellijke ingang te beëindigen ingeval werknemer de onder lid 1 van dit artikel genoemde verplichtingen niet nakomt dan wel anderszins grovelijk de plichten veronachtzaamt, die de gebruiksovereenkomst hem oplegt.
  3. De werknemer is in uitzonderingsgevallen gehouden het gebruik van de auto gedurende de normale dagelijkse arbeidstijd af te staan aan de werkgever, indien deze de auto om dringende en onverwachts opkomende redenen voor doeleinden binnen de werkmaatschappij nodig heeft.
  4. De werknemer is gehouden alle informatie aan de werkgever dan wel de leasemaatschappij te verstrekken, die noodzakelijk is voor een goed beheer van het wagenpark. Dit geldt in ieder geval voor het opgeven van de juiste kilometerstand bij het tanken van brandstof en het laten verrichten van de reparaties.
  5. De werknemer aan wie een (personen)auto ter beschikking is/wordt gesteld, dient in het bezit te zijn van een geldig rijbewijs. Indien het rijbewijs niet meer geldig is of indien het rijbewijs verlopen is, kan de werkgever de terbeschikkinggestelde (personen)auto direct opeisen. Indien het rijbewijs door politie of justitie in beslag is genomen, vervalt de gebruikersovereenkomst terstond en dient de lease-auto onverwijld ter beschikking van de werkgever te worden gesteld.
  6. Bij het indienen van het aanvraagformulier voor een lease-auto dient de werknemer een kopie van zijn (geldige) rijbewijs bij te voegen.

 

Artikel 10. Einde van de gebruiksovereenkomst

  1. Bij beëindiging van het dienstverband tussen de werkgever en de werknemer, eindigt de gebruiksovereenkomst zonder dat enige opzegging is vereist op de laatste dag van het dienstverband en dient de werkgever de auto op die dag onverwijld bij de werkgever in te leveren, tenzij de werkgever en de werknemer anders overeenkomen.
  2. Indien de werknemer binnen de eigen werkmaatschappij een nieuwe functie aanvaardt waarop het gestelde in artikel 2 van deze regeling niet van toepassing is, eindigt de gebruiksovereenkomst zonder dat enige opzegging is vereist op de laatste dag van de maand waarin werknemer de oude functie uitoefent en dient de werknemer de auto op die dag onverwijld bij de werkgever in te leveren.
  3. Ingeval de werknemer naar het oordeel van de werkgever niet meer voldoet aan het bepaalde in deze regeling, is de werkgever gerechtigd de gebruiksovereenkomst met inachtneming van een opzegtermijn van drie maanden te beëindigen. De werknemer dient de auto op de beëindigingsdatum onverwijld bij de werkgever in te leveren.
  4. Indien de werknemer gedurende 6 maanden ten gevolge van arbeidsongeschiktheid niet in staat is geweest zijn functie uit te oefenen, is de werkgever gerechtigd de gebruiksovereenkomst met inachtneming van een aankondigingstermijn van één maand te beëindigen. De werknemer dient de auto op de beëindigingsdatum onverwijld bij de werkgever in te leveren.
  5. De werkgever is te allen tijde gerechtigd de gebruiksovereenkomst met onmiddellijke ingang zonder rechterlijke tussenkomst te beëindigen ingeval van schorsing danwel op non-actief stelling van de werknemer. De werknemer dient de auto alsdan onverwijld bij de werkgever in te leveren.

 

Artikel 11.

Reed Elsevier Nederland B.V. heeft het recht de basisovereenkomst met de leasemaatschappij te doen overgaan naar een andere maatschappij, indien dit naar haar oordeel noodzakelijk is.

 

Artikel 12.

Alle op grond van deze regeling ontstane vorderingen van de werkgever op de werknemer zullen met het netto-salaris worden verrekend.

 

Artikel 13.

De werkgever is gerechtigd deze regeling met inachtname van de redelijkheid en billijkheid eenzijdig te wijzigen. Bij wijziging is de werkgever verplicht de gewijzigde regeling aan de werknemer te verstrekken.

 

Artikel 14.

Aan de leasemaatschappij zal door de werkgever naam, adres, postcode en woonplaats van de werknemer worden verstrekt. Deze gegevens zullen door de leasemaatschappij niet anders worden aangewend dan voor in de in het kader van de gebruiksovereenkomst gebruikelijke communicatie.

 

Deze regeling is van kracht geworden met ingang van 1 mei 1980, en is laatstelijk geactualiseerd per 1 januari 1997.

Bijlage 1 bij de autoregeling van Reed Elsevier Nederland B.V. t.b.v. dienstauto’s.

 

Procedure bestelling auto’s

 

*

Indien een nieuwe auto moet worden aangeschaft, geldt daarvoor de volgende procedure:

 

a.

Over de maximum lease-prijs wordt voorafgaand aan de bestelling advies ingewonnen bij de nalvolgende functionarissen:

   

-

door de commissaris bij de stafdirecteur Sociaal Beleid, indien het een auto betreft voor een directielid,

   

-

door de directeur van de werkmaatschappij bij het hoofd Personeelszaken, indien het een auto betreft voor een werknemer (niet-directielid).

 

b.

Bestelling van de auto vindt als volgt plaats:

   

-

een auto voor een directielid wordt door de directeur besteld nadat de opdrachtbon voor akkoord is getekend door de stafdirecteur Sociaal Beleid;

   

-

een auto van een niet-directielid wordt besteld door de directeur van de werkmaatschappij nadat het hoofd Personeelszaken heeft geparafeerd en de gebruiksovereenkomst door werkgever en werknemer is ondertekend;

   

-

de werkgever is vrij een dealer naar keuze aan te wijzen waar de door de werknemer gekozen auto dient te worden besteld.

 

c.

Elke auto dient daarna besteld te worden via de afdeling Wagenparkbeheer - tel. 020 5159397.

     

*

De stafafdeling Sociaal Beleid dient erop toe te zien dat de normen die per werkmaatschappij worden gehanteerd ten aanzien van de indeling binnen de vier categorieën maximum lease-prijzen (zie art. 4 lid 1 sub b van de autoregeling) liggen binnen de kaders die centraal zijn vastgelegd. De Interne Accountantsdienst controleert achteraf.

 

Bijlage 2 bij de autoregeling van Reed Elsevier Nederland B.V. t.b.v. dienstauto’s.

 

 

SCHULDBEKENTENIS ‘tot max. Dfl 30.000,-‘

 

De ondergetekende ----------, wonende te ----------, hierna te noemen ‘schuldenaar’, verklaart wegens met ingang van heden ter leen ontvangen gelden verschuldigd te zijn aan de mede-ondergetekende ---------- (werkgever), gevestigd te ---------, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door --------- hierna te nomen ‘schuldeiser’ een som van Dfl ------ (------ gulden) hierna te noemen ‘hoofdsom’.

 

De geldlening strekt ter financiering van een privé-auto van de schuldenaar.

Terzake van deze geldlening zijn ondergetekenden het navolgende overeengekomen.

 

Artikel 1

  1. De schuldenaar is verplicht in maandelijkse termijnen een bedrag van Dfl ---- af te lossen aan schuldeiser, zodat algehele aflossing van de hoofdsom in vier kalenderjaren zal plaatsvinden.
  2. De eerste Dfl 15.000,- van de hoofdsom zal renteloos ter lening worden verstrekt. Het bedrag van de hoofdsom boven de Dfl 15.000,- zal ter lening worden verstrekt tegen de officieel vastgestelde promessedisconto, geldend op de dag van ondertekening van deze overeenkomst minus 2%. Dit percentage is vast gedurende de looptijd van deze overeenkomst.
  3. Aflossing van de geldlening inclusief de verschuldigde rente geschiedt maandelijks in gelijke delen en op basis van annuïteiten voor de eerste maal in --------- en voor de laatste maal in ---------, door inhouding op het door schuldeiser aan schuldenaar verschuldigde netto maandsalaris.
  4. Indien en voorzover op grond van wijzigingen in de fiscale wetgeving op het bedrag van de geldlening hogere percentages aan rente dan als bedoeld in lid 2 van dit artikel dienen te worden toegepast, zal deze hogere rente ten laste komen van de werknemer.

 

Artikel 2

1.

De hoofdsom of het eventuele restant daarvan zal te allen tijde direct kunnen worden opgeëist uitsluitend in de navolgende gevallen:

 

a.

bij faillissement van schuldenaar;

 

b.

wanneer surséance van betaling door schuldenaar wordt aangevraagd;

 

c.

bij verkoop van de auto ten behoeve waarvan deze lening is verstrekt.

2.

Alle kosten en rechten van maatregelen welke ---------- (werkgever) moet nemen tot behoud of ter uitoefening harer uit deze overeenkomst voortvloeiende rechten zijn voor rekening van schuldenaar.

 

Artikel 3

  1. In geval van beëindiging van het dienstverband van schuldenaar bij schuldeiser zal de hoofdsom, dan wel het resterende bedrag van de hoofdsom, direct opeisbaar zijn en zal schuldeiser gerechtigd zijn het nog af te lossen bedrag te compenseren met het nog uit te betalen salaris c.q. andere vergoedingen aan schuldenaar.
  2. In geval van overlijden van schuldenaar, zal het resterende af te lossen geldbedrag direct opeisbaar zijn en worden verrekend met de overlijdens-uitkering zoals bedoeld in de CAO en/of de Aanvullende Regeling Arbeidsvoorwaarden (ARAV).
  3. Indien ten gevolge van de verrekening als bedoeld in de leden 1 en 2 van dit artikel, de hoofdsom of het restant daarvan niet volledig is afgelost, zal schuldeiser schuldenaar middels een aangetekende brief hiervan op de hoogte stellen en schuldenaar 4 weken in de gelegenheid stellen het resterende af te lossen geldbedrag te voldoen.
  4. In geval van niet nakoming door schuldenaar van de in lid 3 van dit artikel genoemde verplichting, zal schuldeiser gerechtigd zijn het resterende af te lossen geldbedrag, vermeerderd met wettelijke interesten, in te vorderen.

 

Artikel 4

  1. Gedurende de looptijd van de geldlening zal de schuldenaar als onderpand het overschrijvingsbewijs van het kentekenbewijs van de privé-auto waarvoor de lening is verstrekt, aan de werkgever ter hand stellen. Na aflossing van de geldlening zal de werkgever voornoemd bewijs onverwijld aan de schuldenaar teruggeven.
  2. Indien de schuldenaar gedurende de looptijd van de geldlening een nieuw overschrijvingsbewijs tot zijn beschikking krijgt, zal hij dit onverwijld aan de werkgever ter hand stellen.

 

Artikel 5

Geschillen met betrekking tot deze overeenkomst zullen behoudens hogere voorziening worden voorgelegd aan de bevoegde rechter te Amsterdam.

 

Aldus in tweevoud opgemaakt en ondertekend te Amsterdam op ----------

-------------- --------------

(schuldeiser) (schuldenaar)

 

Hier is in de papieren versie pagina 14 ingelast: het formulier AANVRAAG LEASE-AUTO.

Met betrekking tot de aangevraagde lease-auto, zoals vermeld in het aanvraagformulier, zijn werkgever en aanvrager (werknemer) het volgende overeengekomen:

  1. De aangevraagde auto wordt door de werkgever aan de aanvrager in gebruik gegeven. De aanvrager aanvaardt de auto in gebruik op het moment dat deze aan hem ter beschikking wordt gesteld.
  2. De datum van terbeschikkingstelling wordt aan de aanvrager bevestigd in een afzonderlijk schrijven, waarin tevens wordt vermeld het merk, type, kenteken, catalogusprijs en het normverbruik met betrekking tot de brandstof.
  3. Op deze ingebruikgeving zijn van toepassing de autoregeling van Reed Elsevier Nederland B.V. t.b.v. lease-auto’s zoals opgenomen in het Handboek Personeel en Organisatie Nederland en de ‘Instructies voor de bestuurder’ van de lease-maatschappij, zoals deze thans luiden of in de toekomst komen te luiden en welke worden geacht deel uit te maken van deze gebruikersovereenkomst.
  4. De aanvrager dient krachtens de autoregeling van Reed Elsevier Nederland B.V. t.b.v. lease-auto’s een eigen bijdrage aan de werkgever te betalen. Deze eigen bijdrage alsmede alle andere vorderingen van de werkgever die uit deze overeenkomst voortvloeien zullen met het nettosalaris van de werknemer worden verrekend.

Terug naar de inhoudsopgave van het Handboek.

Terug naar de homepage van deze website.